user_mobilelogo

Souvenier van het rustige Elspeet: Freerk ("Fre') Johannes Drost
Wie het boekje van D. Bakker Elspeet in woord en beeld (1989) leest, komt daarin een hoofdstuk tegen over veldwachter Dijkgraaf, die van 1845 tot 1873 in Elspeet in dienst is en ook een hoofdstuk over zijn zoon `meester' Dijkgraaf, die van 1878 tot 1903 hoofd van de Elspeetse lagere school is. Deze `meester' Berend Dijkgraaf is een begaafd en bijzonder plichtsgetrouw onderwijzer. Hij krijgt naast zijn betrekking als hoofd der school een aanstelling als 'brievengaarder' en kan in zijn woonhuis aan de Nunspeterweg een hulppostkantoortje vestigen. Na zijn overlijden (1903) wordt zijn dochter Hendrikje kantoorhoudster van de PTT. Haar broer Gerhard neemt in 1908, op 22-jarige leeftijd, haar baantje over.
Gerhard Dijkgraaf Gerhard Dijkgraaf is jong en ondernemend. Hij is kantoorhouder van de PTT bij het hulpkantoor in Elspeet, maar in hetzelfde pand gaat hij souvenirs, boeken, ansichtkaarten, drogisterij-artikelen enz. verkopen. Hij is een kleine creatieve zakenman. Hij geeft in eigen beheer ansichtkaarten uit met afbeeldingen van Elspeet en hij speelt handig in op de vraag van de vele vakantiegangers, die zijn postkantoor bezoeken voor het afhalen van hun post. Zijn hulp in de winkel is zijn nicht Annie, die in het gezin is opgenomen. Het getuigt van durf en goede smaak als Gerhard Dijkgraaf het initiatief neemt om een graficus van naam te verzoeken om enige karakteristieke plekjes van Elspeet in linosneden vast te leggen. Deze Elspeetse ondernemer is zowaar cultureel bezig!

De linosneden worden vervaardigd door de graficus F.J. Drost en afgedrukt in een klein boekwerkje, dat in de souvenirwinkel van Dijkgraaf wordt verkocht. De omslag van het boekje is artistiek zeer verzorgd. Rondom de afbeelding van de Elspeetse kerk is de titel van het boekje gearrangeerd: Souvenir van het rustige Elspeet. Middelpunt der Veluwe . Linosneden van Fre J. Drost, Uitgave O. Dijkgraaf, Elspeet. De oplaag, de prijs en het jaar van verschijnen zijn niet vermeld. Waarschijnlijk is het boekje in de handel gebracht tussen 1930 en 1940. 

Fre J. Drost "Freerk Johannes Drost is 24 juli 1907 te Groningen geboren. Na de H.B.S. met vijfjarige cursus te hebben doorlopen, volgde hij de driejarige kunstnijverheidsafdeling der M.T.S. te Groningen, die onder leiding van D. de Vries Lam stond. Hier kreeg hij lessen in natuurtekenen, de grafische technieken: ets, litho, houtsnijden, voorts in batikken, glas-in-lood. Schilderen van A.W. Kort, stilleven van De Wit, boetseren van W. Valk, anatomie van D. de Vries Lam. Na het behalen van het einddiploma en de akte L.O. handtekenen, volgde hij de tweejarige opleidingscursus voor Middelbaar Onderwijs.

Nadat hij in 1931 de akte M.O. had behaald, heeft hij een jaar zelfstandig gewerkt en les gegeven aan de avondschool der M.T.S. te Groningen. Hij trad als reclametekenaar en ontwerper in dienst bij de firma Joh. Enschede en Zonen te Haarlem, waar hij in contact kwam met de moderne grafische technieken. Hij heeft liefde voor het drukkersvak en verzorgt posters, folders, affiches, tijdschriften enz. In 1939 verliet hij Haarlem om in dienst te treden bij de N.V. Drukkerij Reclame te Rotterdam, waar hij de functie van mededirecteur vervult. In oktober 1940 vertrok hij als reserve majoor naar Indonesia, waar hij in verschillende functies werkzaam was, o.a. op het gebied van visuele voorlichting. In december 1949 keerde hij naar Nederland terug, waarna hij in 1950 overging van Drukkerij Reclame naar N.V. Lintas, reclamebureau van Unilever N.V. Nederland. Hij heeft veel exlibris ontworpen, de meeste met de pen getekend, op betrekkelijk klein formaat. Sommige hebben het karakter van vignetten en alle zijn zorgvuldig getekend met zuiver gevormde tekst. Tijdens zijn verblijf in Indonesia maakte hij een goed eigen exlibris voor de boeken die hij aldaar verwierf."

Bron: Kunstenaars op de Veluwe 1880 – 1980 door K. Roodenburg

J.H. WeggelaarJ.H. WeggelaarHet is een gelukkige gedachte geweest van de kunstschilder Jaap Hiddink om tijdens de periode dat hij wethouder is van de gemeente Ermelo, waaronder toen Nunspeet, Elspeet, Hulshorst en Vierhouten ressorteren, en culturele zaken onder zijn beheer heeft, het College van B. en W. voor te stellen in Nunspeet een passend kunstwerk te plaatsen, dat vervaardigd moet worden door een kunstenaar, die inwoner van de gemeente is. Hiddink stelt omstreeks 1967 voor de opdracht te verstrekken aan de weinig bekende kunstschilder, beeldhouwer en pottenbakker Johan Hendrik Weggelaar, die al bijna twintig jaar in een tussen veel bomen verscholen boerderij met een perceel grond aan de Maatweg 6 te Elspeet woont en werkt. Het is zo ongeveer de omgeving, waar de bekende Rotterdamse journalist en schrijver M.J. Brusse (1873-1941) met zijn gezin jaarlijks zijn vakanties doorbrengt, ver voor Weggelaar naar Elspeet komt. Brusse schrijft over Elspeet en zijn vakantiehuisje met tuin als "het boschomzoomde bewoonde eilandje in de Veluwsche heide" (Tussen de menschen, vier delen, 1924). In een in 1994 uitgezonden televisieprogramma hebben de vier `beroemde' zonen van Brusse nog eens verteld, hoe intens gelukkig ze in hun jeugd in dat `boschomzoomde eilandje' in Elspeet zijn geweest! Niet minder gelukkig is daar sinds 1947 de in de Amsterdamse Jordaan geboren en opgegroeide Henk Weggelaar (geboren 9 februari 1908) met zijn vrouw Johanna Wilhelmina Herkhof (op 8 oktober 1911 geboren te Schoonhoven) en hun zoontje Cornelis (op 2 mei 1944 geboren te Zeist). De zoon is inmiddels een bekend psycholoog en schrijver van wetenschappelijke boeken over `woordblindheid'.
Henk Weggelaar vindt in Elspeet de vrijheid om er veelzijdig creatief bezig te zijn. Hij is als kunstenaar landelijk niet bekend. Wel staat Weggelaar vermeld in Pieter A. Scheen, Lexicon Nederlandse Beeldende kunstenaars 1750-1950, deel II (M-Z), maar die vermelding is geen 'norm' voor bekendheid of kwaliteit van werken. Collega Hiddink waardeert hem, en heeft hem via 'de opdracht' van de gemeente Ermelo enige bekendheid gegeven. Niet dat Weggelaar die zoekt, hij is een tevreden mens, die door ijver en aangeboren creativiteit zijn vele liefhebberijen tot een complete levensvervulling heeft gemaakt. Natuurlijk aanvaardt Weggelaar de opdracht van het gemeentebestuur van Ermelo. Hij maakt een miniatuurontwerp van een ruigharig wild zwijn. Een goede keus! Welk 'oer'-dier symboliseert meer het Veluwse landschap dan het wild zwijn? Het ruigharig wild zwijn wordt op ware grootte door Weggelaar in beton uitgevoerd, en wordt omstreeks 1967 op het dan nog lege Stationsplein te Nunspeet geplaatst. Het staat daar nu al meer dan vijfentwintig jaar. Oorspronkelijk is die standplaats een goede keus; het kunstwerk staat in de nabijheid van het drukke station en op de grens van de bossen en het dorp Nunspeet. Heden ten dage is het beeld een anachronisme, weggewerkt achter wat struiken op de hoek van het plein, dat inmiddels parkeerruimte biedt aan de `blinkende heilige koeien' van inwoners en vakantiegangers in Nunspeet. Misschien wil het gemeentebestuur van Nunspeet eens overwegen hun `zwijn' te `verjagen' naar een bij het dier passende natuurlijke omgeving. In elk geval Weg van de snelweg'!
Een gemeente als Zeewolde weet wat dieren toekomt. Zij sluit de Knardijk of tijdens de jaarlijkse `paddentrek'! Tien jaar na de plaatsing van het ruigharig wild zwijn op het Stationsplein schrijft de kunstcriticus Bas Roodnat in de rubriek Kunst op straat in NRC-Handelsblad (1977) een prachtige recensie over Weggelaars kunstwerk.
'Ruigharig wild zwijn' in Nunspeet Op de hoek van de parkeerplaats van het Stationsplein in het Gelderse Nunspeet staat een wild zwijn. Het beest is ongeveer levensgroot en van beton, inderdaad een materiaal dat met zijn bonkige robuustheid bij deze ruigharige bulldozers van de Veluwe behoort. Het Nunspeetse zwijn is nog iets gedrongener en zwaarder gebouwd dan de levende exemplaren. Het lijkt daardoor meer op een wild zwijn dan een echt wild zwijn kan doen."
Weggelaar heeft volgens Roodnat eigenlijk een soort 'super-wild-zwijn' vervaardigd. Een betere kritiek heeft Weggelaar zich niet kunnen wensen! Wethouder Hiddink heeft later een nieuwe opdracht voor Weggelaar. Ik citeer opnieuw Bas Roodnat:
"De wethouder kwam opnieuw bij Weggelaar, toen Ermelo en Nunspeet gemeentelijk werden gesplitst (1972) . Of hij nu ook iets voor Ermelo kon maken. Dat kon: een uit volle borst zingend meisje, zittend op een steen. Een mooi beeldje."
Het ruigharig wild zwijn is wat uitvoerig besproken, omdat er over ander werk van Weggelaar weinig te schrijven valt. Dat is er gewoon niet meer!
Afkomst en opleiding. Het is niet zo verwonderlijk dat Weggelaar zich zo goed in hout kan uitleven; hij is een kleinzoon van Willem Weggelaar, die in Amsterdam een tafelmakerswerkplaats bij zijn woning aan de Lindegracht 184 heeft. Deze Willem Weggelaar heeft nog een kleine rol gespeeld in het Palingoproer van juli 1886. Op 2 september 1908 wordt Johan Hendrik (Henk) Weggelaar in Amsterdam in de Willemsstraat 184 geboren. Zijn vader is ook tafelmaker. Reeds als klein kind snijdt Henk tussen de houtkrullen van de timmermanswerkplaats zijn eerste poppetjes uit hout! Weggelaar zegt nu: "De Weggelaars waren ondernemende mensen". Zijn grootvader en vader weten ondanks de moeilijke tijdsomstandigheden de meubelmakerij draaiende te houden. Henk Weggelaar gaat het timmermansvak in, maar volgt al spoedig de lessen aan de Industrieschool te Amsterdam en behaalt het MTS-diploma bouwkunde. Hij wordt bouwkundig tekenaar en later opzichter. Tussen de studies en het werk door neemt hij schilder- en tekenlessen bij A. Hemelman en A.P. Hahn jr. te Amsterdam.
Echtpaar H. Weggelaar, anno 1956Echtpaar H. Weggelaar, anno 1956 bij Jeugdherberg “de Korenbloem”Henk Weggelaar trouwt met Johanna Wilhelmina Herkhof, en werkt achtereenvolgens in Blaricum en Zeist. Het opzichterschap in de bouw bevalt hem niet. Na de oorlog is er weinig materiaal voor de bouw, dat geeft nogal wat ergernissen; Henk Weggelaar verlangt ernaar `vrij kunstenaar' te zijn. Op 4 juni 1947 verlaat Henk Weggelaar met vrouw en kind de gemeente Zeist en vestigt zich in Elspeet op het adres Maatweg 6. Van hieruit ontplooit hij een veelheid aan artistieke activiteiten. Weggelaar geeft, eigenlijk als hobby, lessen in handenarbeid. Soms wordt hem als lesgever naar zijn 'papieren' (bevoegdheden) gevraagd. Die heeft hij niet. Om van dat gezeur of te zijn gaat hij in Middeloo in Amersfoort studeren voor de akte M.O.- Handenarbeid. Na vier jaar avondlessen behaalt hij de akte. Omdat hij nu volledig bevoegd is voor dit vak, wordt hij onder andere aangezocht als Rijksgecommiteerde bij Kweekschoolexamens en om zitting te nemen in de Examencommissies voor het Staatsexamen L.O.-Handenarbeid.
In Elspeet Weggelaar groeit in Elspeet uit tot een veelzijdig 'ambachtsman'; hij is beeldhouwer, pottenbakker, gitaarbouwer, lesgever en les 'nemer'. 's Zomers is zijn boerderij een kampeerboerderij. Hij ontvangt jarenlang groepen scholieren of andere jongeren met hun begeleiders. Daar hebben Weggelaar en zijn vrouw in de zomermaanden een complete dagtaak aan. Weggelaar demonstreert voor de jeugd de draaischijf (zie foto hieronder) en andere creatieve vaardigheden. Wie treurt er dan nog om dat er geen dure Weggelaars in de kunsthandel te koop zijn? Niemand. Hijzelf ook niet, want hij heeft de diepe bevrediging dat hij de opgroeiende mens iets van 'creatief-geluk' kan meegeven.
Weggelaar geeft cursusJ.H. Weggelaar geeft uitleg aan scholierenIn de wintermaanden geeft Weggelaar cursussen aan militairen in de militaire tehuizen tussen Elspeet en Nunspeet en geeft hij lessen aan verenigingen en amateurs. Hij werkt wel samen met de schilder Frans Huysmans uit Nunspeet (`De Scheen' schrijft dat hij les ontvangt in schilderen van Frans Huysmans) en met Willem Stuurman, die van december 1941 tot december 1945 in Putten directeur is van pottenbakkerij Het Kruikje. Een bijzondere specialiteit van Weggelaar is het bouwen van gitaren en het lesgeven in gitaarbouw. Weggelaar verkoopt veel werk vanuit zijn huis, aan vakantiegangers en andere bezoekers. Hij heeft in zijn lange leven misschien drie of vier keer geexposeerd. Hij is enige tijd lid geweest van het Nunspeets Kunstenaars Genootschap. Collega's willen wel reclame voor hem maken door zijn werk in hun exposities op to nemen, maar Weggelaar voelt er niet veel voor, alles wat hij maakt gaat toch weg.
Weggelaar is inmiddels tegen de negentig. Hij zegt: "Ja, ik leef eigenlijk of ik het eeuwige leven heb ...". De verkoop gaat nog mondjesmaat door. Ik koop tenminste voor mijn stadstuin twee rood gebakken slanke tuinvazen. Als ik afscheid neem, zie ik op de keukentafel een koektrommeltje van Smits' banketbakkerij uit Nunspeet met op het deksel een afbeelding van het Ruigharig wild zwijn van Henk Weggelaar. Misschien zal het trommeltje ooit op een rommelmarkt terechtkomen; zo zal dan het wild zwijn van Weggelaar blijven ronddolen.

Code civil:
Gij kunt mijn naam doen schrappen uit de burgerlijke stand. Al wat aan mij herinnert zij vergeten en verbrand. Wanneer dit lied u nog bereikt, verneem het enkel als wind en eeuwigheid, een bloem in uwe hand. Gerrit Achterberg, Verzamelde gedichten. (Em. Querido's Uitgeverij B.V. Amsterdam, 1979.)

Bron: Kunstenaars op de Veluwe 1880 – 1980 door K. Roodenburg

Beelden WeggelaarSchaapje op de schouderBeelden WeggelaarBeelden WeggelaarHet is nog niet zo heel erg lang geleden dat er veel meer houtsculpturen van Weggelaar in Elspeet stonden, maar stilaan zijn ze uit het straatbeeld verdwenen. Het laatste beeld heeft gestaan bij het VVV-kantoor.

Veelzijdig kunstenaar
Johan Hendrik Weggelaar (1908-2004) was een veelzijdig kunstenaar. Hij behaalde zijn acte als docent handenarbeid en bekwaamde zich verder in het pottenbakken bij W. Stuurman te Amersfoort en in tekenen en schilderen bij A. Hemelman en A. Hahn te Amsterdam en F. Huijsmans te Nunspeet. Weggelaar werkte in Blaricum en Zeist en later in Elspeet. Hij ontwikkelde zich als beeldhouwer en keramist en gaf lessen aan de Scholen voor Scheppende Handen te Hengelo. Hij is de maker van ‘De Keiler’ in Nunspeet en ‘Het lachende meisje’ in Ermelo.

De houtsculpturen van Weggelaar werden gemaakt van eikenbomen uit het Elspeter Bos en fungeerden als wegwijzers, in het bijzonder voor toeristen.

Er zijn nog twee beelden in Elspeet van Weggelaar gespaard gebleven, welke thans in particulier bezit zijn. Aan de houtsculpturen kun je zien wat de dorpelingen bezighield en vertelt dus op een eenvoudige manier ook de historie van het dorp Elspeet. Zo is bij de schaapskooi naast het markante grote gezicht ook een schaapje te zien dat rust op het hoofd. Bij de houtsculptuur van Beek is naast het grote gezicht van een boswachter ook nog een uil, vos en een schaap te zien.

Andere werken van Weggelaar in de openbare ruimte zijn "De Keiler" in Nunspeet (eerst in 1967 van beton, maar is in 1998 in brons gegoten) en "Het zingende meisje" te Ermelo.

Foto impressie van de laatste "Totempalen" van Johan Hendrik Weggelaar. 

Gezicht van de "Goede Herder".
Schaapje op de schouder
Gezicht van de boswachter
Vosje
Een ingeklemde Uil
Vossenhoofd
Kapsalon Eddy
En van de laatst gemaakte totempalen
Prachtig gezicht
Het opperhoofd
   

Een aantal extra exemplaren zou zeker niet misstaan in de dorpskern Elspeet. Wellicht dat deze bij de "herinrichting van de Brink/centrumgebied"  weer terug kunnen komen in het dorpsbeeld. Iets waar we trots op kunnen zijn.

Wie is online?

We hebben 72 gasten en geen leden online