user_mobilelogo

Inmiddels zijn de ontvreemde grafborden weer in ere hersteld. Op een mooie zaterdag in september heeft het team ElspeetHistorie met een aantal vrijwilligers de grafborden teruggezet op de begraafplaats. De gemeente Nunspeet heeft de houten palen ter beschikking gesteld.

In de gevonden grafborden was ook een grafbord aanwezig van onbekende herkomst. Dit betrof een wat zwaarder bord van koper van een familiegraf. Inmiddels zijn de nabestaanden achterhaald.
De nabestaanden zijn bijzonder blij dat het gestolen bord van het graf van opa en oma weer terecht is.
Hieronder een stukje uit hun mail:

Wat een verrassing! Ik was ervan overtuigd dat dieven het bord gesmolten zouden hebben. Het bord is gestolen van de algemene begraafplaats in Deventer aan de Raalterweg. Dit bord moet zijn gestolen tussen 15-20 jaar (of nog langer) geleden. Het betreft mijn grootouders en het graf is er nog steeds!

grafbord    Opa Opa en Oma Schekman jan   Familiegraf GJ Schekman

Op bovenstaande foto's ziet u het familiegraf en Opa en Oma Schekman, en het teruggevonden grafbord.

Eind 2017 is het grafbord in overleg met de familie terug geplaatst in Deventer. Onderstaand de foto's ervan.

image1 res       image3 res  image2 res

Als team ElspeetHistorie hebben we al diverse malen aandacht gevraagd voor het feit dat grafmonumenten verdwijnen van de Algemene Begraafplaats te Elspeet. Dat blijkt te kloppen. Bij een schuuropruiming zijn 20 grafborden afkomstig van de Algemene Begraafplaats te Elspeet gevonden. Deze zijn anoniem afgegeven bij gemeente Heerde. Het team ElspeetHistorie heeft de borden inmiddels onderzocht en 20 borden blijken van de Algemene Begraafplaats te Elspeet te komen. Slechts 1 stuks komt elders vandaan, contact met nabestaanden proberen we te leggen. De borden afkomstig van Algemene Begraafplaats te Elspeet zal het team ElspeetHistorie i.o.m. gemeente Nunspeet terugplaatsen. De planning is dit uit te voeren op open monumentendag 2017 zaterdag 9 september.

  • 1.JPG
  • 10.JPG
  • 11.JPG
  • 12.JPG
  • 13.JPG
  • 14.JPG
  • 15.JPG
  • 16.JPG
  • 17.JPG
  • 18.JPG
  • 19.JPG
  • 2.JPG
  • 20.JPG
  • 21.JPG
  • 22.JPG
  • 3.JPG
  • 4.JPG
  • 5.JPG
  • 6.JPG
  • 7.JPG

 

Klasse GRAF NR JAAR Foto's Naam Begraafdatum 2e naam Geboren Overleden Bijzonderheden
EG 0 1887 Foto Jan Drost (niet in grafregister)     21-8-1838 26-3-1887 echtg. v. Neeltje Klaassen (1844-1911, graf II 82), 48 jr, (locatie graf o.b.v. interview)
EG 9 1908 Foto Ph. H. Veldhorst 3-4-1908 Philippina Hendrika Veldhorst 7-1-1849 30-3-1908 vr. v. Hendrik van der Horst (EG 9, als echtpaar begr.), kind Alijda Joh. (1888) graf II 1,58 jr.
EG 9 1911 Foto H. van der Horst 14-6-1911 Hendrik van der Horst 20-3-1842 9-6-1911 69 jr, echtgen. v. Phillippina Hend. Veldhorst (1849-1908, EG 9), als echtp. begr., kind Alijda Joh. (1888) graf II 1
I 18 1908 Foto Maria Mouw 3-3-1908   22-6-1826 27-2-1908 wed. v. Jansen Mouw (1816-1869), moeder v. Petertje Mouw (1854-1899, graf III 224), 81 jr.
I 27 1919 Foto Jannetje Spek 1-7-1919   7-10-1840 6/27/1919  
I 28 1920 Foto R. Smink 18-9-1920 Rein Smiek 23-8-1890 15-9-1920 30 jr.
I 39 1926 Foto C. Mouw 31-12-1926 Kornelis Mouw 21-10-1863 16-12-1926 zoon van Rein Mouw (1835-1906, graf I14) en Aaltje Mouw (1831-1900, graf I 11), 63 jr.
I 40 1927 Foto H. v. de Bosch 24-1-1927 Hendrikus van den Bosch 21-2-1851 20-1-1927 wedn. v. Willempje Berghuis (1860-1906, graf II 56), 75 jr.
II 59 1906 Foto Willemtje Berghuis 24-3-1906   2-2-1860 21-3-1906 huisvr. v. Hendrikus van den Bosch (1851-1927, graf I 40), 46 jr.
II 78 1912 Foto Jan Karel Heerdink 21-5-1912 Jan Karel Heerdink 6-9-1849 16-5-1912 echtg. v. Petertje Schut (1859_1942), 62 jr.
II 82 1913 Foto Neeltje Klaassen 13-11-1913   16-10-1844 9-11-1911 wed. v. Jan Drost (1838-1887, EG 0, voor grafregister tijdperk), 69 jr.
II 151 1926 Foto Fr. Frens 12-11-1926 Frederik Frens 4-9-1876 6-11-1926 echtgen. v. Hendrikje Mulder (1879-1957), 50 jr.
II 204 1933 Foto Berghuis, geb. Berghuis, Aartje 31-7-1933 Aartje Berghuis 21-10-1861 27-7-1933 echtgen. v. Frank Berghuis (1851-1939), 71 jr.
II 215 1935 Foto Boone, Berend 8-2-1935 Berend Boone 1-3-1855 4-2-1935 echtgen. v. Jannetje Mulder (1865-1945), 79 jr.
II 159a 1927 Foto LL. agg. kind v. H. Mulder 1-9-1927 moet zijn LL. kind v. Kornelis van de Steeg   29-8-1927 LL. kind v. Kornelis van de Steeg en Hendrikje Mulder
II 159b 1927 Foto H. Mulder 1-9-1927 Hendrikje Mulder (ontbreekt in grafregister)   29-8-1927 Hendrikje Mulder wellicht samen met levenloos kind NN. Mulder begraven (ontbreekt in grafregister, LL. kind echter ingeschreven onder naam moeder)
III 774 1931 Foto Nummerdor, Dreesje 23-5-1931 Dreesje Nummerdor 27-05-1871 19-5-1931 partner v. Evert Dibbets, tweeling Hendrik en Renger (1908 in graf IV 46), 59 jr.
III 906b 1945 Foto Mouw, Peetje (wed. v. S. Beernink) 10-1-1945 Peetje Mouw 2-2-1859 6-1-1945 wed. v. 1. Jan Hendriks (1854-1898) 2. S. Beernink 1863-1929), 85 jr.
I 62 1945 Foto NN van Meulen     4/16/1945 4/16/1945 Zoontje
III 13 1900 Foto Andries Verhoef 2/5/1944     2/2/1944 10 jr.
III 233 1945 Foto Jannetje Mulder 4/14/1945   13-3-1865 4/11/1945 80 jr.

 

Hoewel we blij zijn dat 20 grafborden teruggevonden zijn blijft het jammer dat er nog meerdere grafmonumenten missen. Dit betreft een aantal unieke grafmonumenten zoals de twee oudst bekende grafstenen. Zoals de grafsteen van Maria Schouten, overleden op 25 augustus 1869. En de grafsteen van Jannetje Hop, overleden 22 juni 1878.
We hopen dat ook deze grafmonumenten weer op de plaats komen waar ze horen!

image1     image2

  Jannetje Hop                                          Maria Schouten

 

Hier vindt u het document "Begraven in Elspeet van toen tot nu".

U kunt deze HIER DOWNLOADEN.

Het document is vrij van rechten, maar bronvermelding word op prijs gesteld.

 

Het onderzoek op de begraafplaats is begonnen vanwege de zoektocht naar onze overgrootmoeder Teunisje de Bruin - Bonhof. Zij heeft geleefd van 1872 tot 1910. Wij zochten het graf van onze overgrootmoeder omdat onze moeder graag wilde weten waar haar oma begraven lag. Zij is naar haar vernoemd en heeft om deze reden een extra band met haar oma die zij nooit bij leven gekend heeft. Onze moeder Teunisje Westerbroek - Lokhorst is het in achterliggende jaren niet gelukt het graf van haar oma te vinden. Ook haar moeder Johanna Lokhorst - de Bruin (1907-1999) wist niet waar haar moeder begraven lag.

Voor de duidelijkheid:
Onze moeder Teunisje Westerbroek - Lokhorst is geboren in 1940.
Onze oma Johanna Lokhorst  - de Bruin leefde van 1907-1999 (was gehuwd met Gerrit Lokhorst 1907-1995).
Onze overgrootmoeder Teunisje de Bruin - Bonhof leefde van 1872-1910 (was gehuwd met Kornelis de Bruin 1862-1939).

Het lijkt niet zo moeilijk dergelijke informatie uit de gemeentelijke archieven te bemachtigen. Daarom hebben we aangegeven dat wij dit wel zullen achterhalen.

Bij contact met gemeente Nunspeet over de locatie van het graf van Teunisje de Bruin - Bonhof word je verwezen naar het streekarchivariaat. Daar worden immers de oude grafregisters bewaard.
Inderdaad zijn de grafregisters bij het streekarchivariaat in te zien. Maar welk register  moet je dan hebben?
De keus is beperkt, dus het is mogelijk alle grafregisters te doorzoeken tot je gevonden hebt wat je zoekt. In ons geval betrof het graf van Teunisje de Bruin - Bonhof een derde klas graf met nummer 453. Dit wordt aangegeven met III-453.


1Deel grafregister 1910 met Teunisje Bonhof vrouw v. K. de Bruin als nummer 29, begraven op 19 november 1910 in 3e klas graf met nummer 453.

Met dit nummer zijn we naar de begraafplaats gegaan. Aangekomen op de dodenakker begon de zoektocht naar graf III-453. Dit blijkt een heel moeilijke opgave. Zo dien je eerst op te zoeken waar de 3e klas toen begraven werd. Vervolgens dient het grafnummer opgezocht te worden. Dat blijkt in de praktijk bijna onmogelijk te zijn. De grafnummers staan op de oudere gedeelten niet op volgorde maar voor je gevoel willekeurig door elkaar heen. Bovendien zijn veel grafnummers onleesbaar door begroeiing of verzakking. In de praktijk bleek het regelmatig nodig om gewapend met een klein schepje en bezempje de grafnummers stuk voor stuk te ontcijferen. Na ruim 500 grafnummers bekeken te hebben was het juiste graf nog niet gevonden.

2Grafnummer III-453.Toen  viel het besluit om het grondiger aan te pakken:  inventariseren van de grafnummers. Na 1000 nummers geïnventariseerd te hebben was het nummer III-453 nog niet gevonden.
Omdat het nummer ogenschijnlijk niet aanwezig was hebben we de inventarisatie uitgebreid naar de jaartallen van begraven. Dit om te kunnen zoeken op basis van het begraven per jaar. Op deze wijze is het mogelijk vast te stellen in welke volgorde werd begraven en wat dan de vermoedelijke plaats zou kunnen zijn van het graf dat je zoekt. Hierbij is ook in kaart gebracht wie waar ligt begraven.

Uiteindelijk is het graf van Teunisje de Bruin - Bonhof vastgesteld op basis van een met verf aangebrachte nummering. Deze nummering was nog heel summier leesbaar.

Het blijkt dat in het jaar 1910 een serie gietijzeren grafnummers is gebruikt die verkeerde grafnummers bevatte. Op de foto is te zien dat het grafnummer 354 betreft. Dit foutieve nummer is onleesbaar gemaakt met een soort cement. Eronder is met zinkkleurige verf het nummer 453 aangebracht.

Met het moment dat het graf gevonden is, komt ook het besef dat lang niet iedereen de mogelijkheid heeft een dergelijke zoektocht te ondernemen. Bovendien verdwijnen in de loop der tijd meer en meer gegevens waardoor een dergelijke zoektocht steeds meer onmogelijk wordt. We besloten de opgedane informatie voor de toekomst vast te leggen. De Algemene Begraafplaats in Elspeet bevat een schat aan genealogische en cultuurhistorische informatie waar wij, als huidige generatie, in de loop van de geschiedenis slechts een beperkte tijd voor mogen zorgen.
Om de verzamelde informatie voor een breed publiek te ontsluiten publiceren we deze op internet.
De beschikbare informatie van de begraafplaats is inmiddels beschikbaar op de website www.elspeethistorie.nl . Het blijft triest dat onze oma Johanna Lokhorst – de Bruin (1907-1999) nooit geweten heeft waar haar moeder Teunisje de Bruin – Bonhof (1872-1910) begraven lag.

Dergelijke gevallen komen in de omgeving vaker voor. In de praktijk blijkt de informatie over het oudste deel van de begraafplaats in een behoefte te voorzien. Regelmatig worden vragen gesteld die in een aantal gevallen ook afdoende beantwoord kunnen worden. Het betreffen echter ook regelmatig vragen over delen van de begraafplaats die nog niet in kaart zijn gebracht.

Om ook in deze behoefte te voorzien is besloten de inventarisatie verder uit te breiden. Gelijktijdig is besloten in kaart te brengen hoe het kan dat deze informatie niet voor een breder publiek toegankelijk is. Daarom is de geschiedenis rondom begraven in Elspeet in kaart gebracht. Het resultaat ligt voor u in de vorm van het rapport “begraven in Elspeet, van toen tot nu”.

 

Geschiedenis van het begraven
We hebben geprobeerd de geschiedenis van het begraven in Elspeet in kaart te brengen omdat die letterlijk “op het kerkhof ligt”. Kennis hiervan biedt aansluiting met de huidige samenleving die haar wortels in het rijke verleden heeft liggen.
Van de informatie die er in het verleden is geweest, is helaas veel verloren gegaan. Dergelijke hiaten vormen een belemmering om een totaalbeeld op te bouwen. Om toch een min of meer sluitend geheel te creëren wordt soms gebruik gemaakt van algemene informatie verkregen uit andere plaatsen. Daarbij zijn wij van de veronderstelling uitgegaan dat zaken die in het verleden algemeen gangbaar waren in de omliggende plaatsen ook in Elspeet gebruikelijk waren.


Doelstelling inventarisatie
De bedoeling van de inventarisatie van de Algemene Begraafplaats in Elspeet is het verlenen van een maatschappelijke dienst. Er zijn veel mensen die niet meer weten waar hun voorouders en vroegere verwanten begraven liggen. Op deze wijze hopen we de beschikbare informatie voor een breed publiek op een gemakkelijk toegankelijke wijze te ontsluiten.
Daarnaast willen we helpen de begraafplaats in stand te houden door de kennis hierover te vergroten. Dit met het doel dat we zuinig zijn op wat we nog hebben. In een aantal gevallen zullen we ook beschrijven wat verloren is gegaan. Dat is jammer, omdat toekomstige generaties er geen kennis meer van kunnen nemen.
Tenslotte willen we respectvol met de graven omgaan. Vooral bij de oudere graven wordt de tekst van grafmonumenten onleesbaar of raakt het grafmonument zelf in verval. Het betreft vaak heel persoonlijke informatie die niet in gemeentelijke registers is vastgelegd. Door het vastleggen van de situatie met foto’s blijft dergelijke informatie behouden.


Privacy
Bij het inventariseren van een begraafplaats worden persoonlijke gegevens geïnventariseerd. Dit betreft openbare informatie. Immers is deze informatie zichtbaar op aanwezige grafmonumenten en heeft die soms ook in kranten gestaan (rouwadvertenties, overlijdensberichten, bekendmakingen van de burgerlijke stand, etc.).
Het betreft ook informatie waar vaak naar gezocht wordt door genealogen en familie, maar ook door vrienden en bekenden. De voordelen van het opnemen van dergelijke informatie in een geautomatiseerd systeem wegen dan ook al snel op tegen de nadelen.


De informatie
De aangeboden informatie is van uit diverse bronnen verzameld. Denk bijvoorbeeld aan gemeentelijke handgeschreven grafregisters, maar bijvoorbeeld ook de tekst op de grafmonumenten zelf. Ook is gebruik gemaakt van informatie vanuit oude kranten zoals de berichten van de gemeentelijke burgerlijke stand en rouwadvertenties. Naast menselijke fouten blijkt dat ook dergelijke bronnen niet altijd foutloos zijn. Indien u gebruik maakt van de aangeboden informatie dient u deze zelf te controleren op juistheid en geschiktheid voor uw toepassing.
Lees bij gebruik van de website altijd vooraf de disclaimer die onlosmakelijk verbonden is met het gebruik van de website www.elspeethistorie.nl .
Interview
Diverse aanvullende informatie is verkregen door gesprekken met (oud) medewerkers van de gemeente Nunspeet die op de begraafplaats gewerkt hebben. Ook is informatie verkregen uit gesprekken met oudere Elspeters.

 

Grafheuvels
De geschiedenis van het begraven - voor zover bekend - gaat in Elspeet en wijde omgeving terug tot circa 2500 jaar voor het begin van de jaartelling. Vanaf dat moment zijn grafheuvels aanwezig waarbij de datering grofweg als volgt verloopt:

 

Periode: Jaren voor Christus Wijze van begraven:
Late steentijd 2500 – 2000 Begraven in een kuil met hierover een heuvel
Vroege bronstijd 2000 – 1800 Crematie, urn met asresten in heuvel
Midden bronstijd

1800 – 1000

Dode in holle boomstam begraven in heuvel
Late bronstijd 1000 –    800 Crematie, urn met asresten in heuvel
IJzertijd 800 –        0 Persoon werd verbrand waarna de plaats werd afgedekt met een heuvel

 Datering grafheuvels.

Naar grafheuvels is al veel onderzoek gedaan. Informatie hierover is vastgelegd in diverse boeken. Op de heide net buiten Vierhouten (aan de rand van de Vierhouterheide tussen Elspeet en Vierhouten) is een opengewerkte grafheuvel nagebouwd. Deze is te vrij te bezichtigen voor belangstellenden. Tevens worden zaken die gevonden zijn bij opgravingen van grafheuvels ten toon gesteld in diverse musea. Googelen op “grafheuvel” levert u een schat aan informatie op.

3Bordje waarmee grafheuvels in het landschap zijn gemarkeerd.Het creëren van een grafheuvel was destijds waarschijnlijk een praktische oplossing om de overledene na de begrafenis te beschermen tegen wilde dieren. Om een grafheuvel te maken die voldoende bescherming bood voor de overledene moest veel werk verzet worden. Het cremeren van overledenen kan eveneens gezien worden als een wijze van bescherming. Dit werd wellicht ook meer toegepast als bescherming tegen graf- en lijkschennis door dieren dan om religieuze redenen. Immers is bekend dat ook de as na crematie werd bijgezet in grafheuvels. Het verschil in opvatting over begraven en cremeren was destijds niet zo groot. Het blijkt dat men toch bij elkaar in dezelfde grafheuvel begraven kon worden. Het voordeel van grafheuvels is naast de bescherming ook het feit dat deze later teruggevonden kunnen worden in het landschap.
De grafheuvels die wij kennen zijn niet echt representatief voor de wijze van begraven van destijds. Dit betreft immers de grotere grafheuvels, de zogenoemde meer perioden grafheuvels. Hierin zijn verdeeld over verschillende perioden bijzettingen gedaan waardoor het forse grafheuvels zijn geworden. Diverse grafheuvels zoals wij die kennen zijn opgehoogd door extra zand aan te brengen. Dit om de grafheuvel beter herkenbaar te maken in het landschap en tevens beschadiging van buitenaf te voorkomen.

Een zelfde praktische invalshoek is misschien van toepassing voor het boomstam begraven. Hiervoor werd een boomstam gekliefd in een klein deel (deksel) en groter deel (kist). Het grotere deel werd uitgehold om als boomkist dienst te doen. Bij het begraven werd het deksel met hars op de uitgeholde boomkist gelijmd. Hierdoor werd een hoge mate van bescherming bereikt voor de overledene. De enorme hoeveelheid werk om een boom te klieven en deze vervolgens uit te hollen lijkt voldoende reden om deze wijze van begraven te beëindigen. Bedenk hierbij dat men destijds slechts over geringe technische middelen beschikte.

 

De onbekende periode van het jaar 0 tot 1300
Vanuit de periode vanaf het jaar 0 tot circa 1300 is over Elspeet heel weinig bekend. Toch is deze periode van zodanig grote invloed geweest dat het niet terecht zou zijn hier niets over te melden.
Immers betreft dit de periode na de geboorte van Christus waarin het christendom zich over de wereld verspreide. De christenen begroeven hun doden om religieuze redenen.
Vanaf het begin van het christendom was het mogelijk dat gestorvenen een bijzondere status kregen als martelaar of heilige. Hierdoor kon de waarde van een lijk enorm toenemen en werd het lijk of delen hiervan zelfs tot relikwie verheven. Er zijn tijden geweest dat hierin een levendige handel bestond.

4Overveluws weekblad 25-6-1938.De tijd van het jaar 0 tot 1300 kenmerkte zich door de kerstening waar ook de lage landen deel van uitmaakten. De invoering van het christendom was lang niet altijd een zaak van liefde en rede. Het was vaak een periode van strijd en onderdrukking. Karel die later de bijnaam De Grote zou krijgen vaardigde strenge maatregelen uit ter versterking van de christelijke religie. Deze maatregelen waren ook van grote invloed op de dodenbezorging. Op het concilie te Paderborn in 784 vaardigde Karel een verbod uit op lijkverbranding, op straffe des doods.
Om controle op de naleving van dit verbod mogelijk te maken werden speciale lijkroutes ingesteld. Deze lijkwegen of dodenwegen waren openbare wegen die niet mochten worden afgesloten. Er zijn plaatsen bekend waar dergelijke wegen tot in de 20e eeuw in gebruik zijn gebleven.
Dat was ook het geval in Elspeet zoals blijkt uit een stukje in het Overveluws weekblad van 25-6-1938. Hierin staat vermeld dat de gemeenteraad heeft besloten de naam van de Lijkweg te wijzigen naar Sluiterweg.

De sterk toegenomen aandacht voor de lijkbezorging in het algemeen en de bijzondere status van de heiligen bood de mogelijkheid bijeenkomsten te houden in de nabijheid van een heilig graf. De nabijheid van een gestorven heilige zou een positieve invloed hebben. Bij de bouw van een kerk werd deze dan ook nabij een dergelijk graf gebouwd.
In deze tijd hadden kerkgebouwen niet alleen een religieuze functie maar hadden de gebouwen ook een sociale functie. Kerken fungeerden ook als toevluchtsoord als men werd aangevallen door vijanden. Als een gemeenschap werd aangevallen bestond de mogelijkheid zich gezamenlijk terug te trekken in de kerk ter verdediging. Alles wat zich niet in de kerk bevond kon dan ten prooi vallen aan de vijand. Dit gold ook voor de begraven lichamen van overledenen. Wellicht is het gebruik van begraven in de kerk ontstaan vanuit bescherming voor de overledenen. Zeker is dat in later tijden vooral de overledenen die als heilig gezien werden, in de kerk werden begraven. Dit maakte dat de kerk een heilig gebouw werd. Hierdoor ontstond de behoefte onder de eenvoudige gelovigen ook in de kerk als heilig gebouw, begraven te worden. Uiteindelijk groeide het gebruik begraven in de kerk uit tot een belangrijk onderdeel van de jaarinkomsten van kerken. 

 

De periode van 1300 tot circa 1850
De hervormde kerk in het centrum van Elspeet is de oudste van de gemeente Nunspeet. In het jaar 1295 stond op deze plaats al een kapel. Wellicht bij gebrek aan een bekende heilige in de nabije omgeving was deze kapel gewijd aan de Heilige Paulus.

Het is onbekend of op dat moment al begraven werd in en rond deze kapel. Later is deze kapel uitgebreid tot een kerk. Het is zeker dat bij (en mogelijk rondom) deze kerk een kerkhof aanwezig was. In het straatwerk bij de kerk is nog altijd een zerk opgenomen uit vroeger tijden. Ook zijn er nog oude mensen die nog kunnen vertellen over meerdere grafzerken die aanwezig waren buiten te kerk. Het is bekend dat bij de bouw van het kerkerf in 1979 en de uitbreiding van de kerk in 1991 in het terrein rondom de kerk menselijke beenderen zijn aangetroffen.

Ook werd er ín de kerk begraven. Zo lagen vroeger voor in de kerk diverse grafzerken. Bij latere verbouwingen zijn deze jammer genoeg verwijderd. Het is onbekend waar de restanten zijn gebleven. Ook is bekend dat bij werkzaamheden aan de vloer van de kerk menselijke beenderen zijn aangetroffen.

 

De periode van 1300 tot circa 1850
De hervormde kerk in het centrum van Elspeet is de oudste van de gemeente Nunspeet. In het jaar 1295 stond op deze plaats al een kapel. Wellicht bij gebrek aan een bekende heilige in de nabije omgeving was deze kapel gewijd aan de Heilige Paulus.

Het is onbekend of op dat moment al begraven werd in en rond deze kapel. Later is deze kapel uitgebreid tot een kerk. Het is zeker dat bij (en mogelijk rondom) deze kerk een kerkhof aanwezig was. In het straatwerk bij de kerk is nog altijd een zerk opgenomen uit vroeger tijden. Ook zijn er nog oude mensen die nog kunnen vertellen over meerdere grafzerken die aanwezig waren buiten te kerk. Het is bekend dat bij de bouw van het kerkerf in 1979 en de uitbreiding van de kerk in 1991 in het terrein rondom de kerk menselijke beenderen zijn aangetroffen.

Ook werd er ín de kerk begraven. Zo lagen vroeger voor in de kerk diverse grafzerken. Bij latere verbouwingen zijn deze jammer genoeg verwijderd. Het is onbekend waar de restanten zijn gebleven. Ook is bekend dat bij werkzaamheden aan de vloer van de kerk menselijke beenderen zijn aangetroffen.

5Pension De Post, het huidige restaurant ‘t Edelhert. De afgebeelde weg betreft de Nunspeterweg. Achter de haag die zich op de foto links van de weg bevond lag de vroegere begraafplaats. Toen de kerk nog rooms-katholiek was betrof dit het ongewijde deel.

In de kerk is ook een oude grafkelder aanwezig. De ingang hiervan bevindt zich voor de preekstoel, de plaats waar in vroeger tijden het altaar stond. Op deze wijze bevonden de in de grafkelder opgebaarde gestorvenen zich zo dicht mogelijk bij het heilig altaar. Het is aannemelijk dat dit altaar is verwijderd nadat de reformatie in Elspeet was doorgedrongen. Dit gebeurde in het jaar 1590 waarbij de pastoor werd afgezet. In het jaar 1594 kwam de eerste predikant in Elspeet die de nieuwe leer was toegedaan.

 

Het kerkhof
Het kerkhof rondom de kerk bestond uit twee delen, namelijk de gewijde aarde en de ongewijde aarde. Het gewijde deel werd de kerkelijke slaapstede genoemd. De plaats waar de doden rusten van de vermoeienissen des levens tot de jongste dag, de dag waarop de doden zullen opstaan tijdens de wederkomst van Christus. Het gewijde deel was beperkt toegankelijk om ontwijding te voorkomen. Dit betekende dat het gewijde deel werd afgezet met een muur, hek of in eenvoudige gevallen met een haag.

Het ongewijde deel lag meestal aan de noordzijde van de kerk. Dat deel van de hof bij de kerk waar de minste zon komt. Het spreekt voor zich dat dit donkere deel als begraafplaats niet erg gewild was. Het gewijde deel werd vaak gescheiden van het niet gewijde deel door een haag die niet alleen zorgde voor afscheiding maar ook het zicht ontnam. In de ongewijde aarde werden de niet-christenen begraven, (zelf)moordenaars, criminelen maar ook ongedoopte kinderen. Immers waren levenloos geboren kinderen niet tijdig gedoopt waardoor deze nog besmet waren met erfzonden. Daarom mochten levenloos geboren kinderen niet in de gewijde aarde begraven worden. Er waren dan ook diverse kerkhoven met een apart deel voor levenloos geboren kinderen. Op kerkhoven waar dit aparte gedeelte niet aanwezig was werden levenloos geboren kinderen vaak in de haag tussen de gewijde en ongewijde aarde begraven. Op deze wijze bevonden levenloos geboren kinderen zich toch zo dicht mogelijk bij de gewijde aarde.

Na de reformatie werden katholieken en protestanten samen op het kerkhof begraven. Echter deed het probleem zich voor dat het gehele kerkhof ontwijd was door het begraven van protestanten in de gewijde aarde. Dit bracht problemen met zich mee voor katholieken die in gewijde aarde begraven wensten te worden. In een dergelijk geval kon de gestorvene voordat hij begraven werd worden bestrooid met gewijde aarde waardoor dit probleem opgelost was.
Op veel plaatsen was het begraven op het kerkhof volgens onze huidige maatstaven een aanfluiting. Doordat in de loop der jaren telkens op dezelfde plaatsen werd begraven waren er veel menselijke beenderen in de grond aanwezig. Ook was het graven van een graf vaak een burenplicht waarbij niet altijd zorgvuldig werd gewerkt. Het gebeurde dan ook regelmatig dat menselijke beenderen gevonden werden op het kerkhof. Deze werden dan bijgezet in het knekelhuis. Er zijn plaatsen bekend waar een speciale botoplezer voor deze taak was aangesteld. Het is onbekend of Elspeet een knekelhuis heeft gehad.

 

Het begraven in de kerk
In bijna alle kerken die in de middeleeuwen gebouwd zijn werd begraven. Dit verschijnsel komt op ons vreemd over vanwege de combinatie kerk (als heilig gebouw) met de dood (onrein). Omdat de kerk een heilig gebouw betrof hadden de gelovigen er destijds echter veel geld voor over om in de kerk begraven te worden. Het begraven in de kerk was hierdoor een grote inkomstenbron voor de kerk. Er zijn ramingen dat de inkomsten van het begraven in de kerk maar liefst 50% tot 70% van de totale kerkelijke inkomsten per jaar betroffen.
Het begraven in de kerk gaf aanleiding tot wantoestanden. Zo kennen we de uitdrukking “rijke stinkerd” die mogelijk hiernaar verwijst. Ook bij het begraven in de kerk werd men met het probleem geconfronteerd dat er na verloop van jaren een enorme hoeveelheid menselijke beenderen in de ondergrond aanwezig was. Het verzakken van kerkvloeren en het aantasten van de fundamenten hoorde hierbij.
Het is opmerkelijk te noemen dat het begraven in kerken ook na de reformatie gewoon doorging. Dit terwijl de reformatie juist gericht was tegen de wantoestanden in de rooms-katholieke kerk. Zo werd de aflaathandel waardoor je goede werken van heiligen zou kunnen kopen door protestanten afgeschaft. Feit is dat het begraven in kerken nog lange tijd doorging. Zelfs nadat het door de overheid was verboden. Later werd het in het kader van de volksgezondheid verplicht begraafplaatsen buiten de bebouwde kom aan te leggen.

Vanuit het boekje Historie rondom de Hervormde Kerk van Elspeet en Vierhouten geschreven door H. Huizinga - Heuvelman weten we dat in Elspeet langdurig in de kerk is begraven. Ds. Johannes Everwijn is in het jaar 1813 overleden. Hij ligt in de kerk begraven voor het trapje van de preekstoel.

6Deel van bladzijde 11 uit het boekje Historie rondom de Hervormde Kerk van Elspeet en Vierhouten.

Tijdsverloop begraven in de kerk en op het kerkhof te Elspeet
De heer Tiemen Goossens heeft onderzoek gedaan naar tijdsverloop van het begraven in Elspeet. De resultaten van zijn onderzoek zijn bekend, de resultaten worden binnen kort gepubliceerd.

Uit dit onderzoek blijkt het volgende:
De in 1829 ingevoerde wettelijke plicht om begraafplaatsen buiten de bebouwde kom aan te leggen gold alleen voor plaatsen met minstens 1000 inwoners. Wel werd begraven in de kerk voorgoed afgeschaft. Het terrein rondom de kerk van Elspeet werd in 1829 een gemeentelijke begraafplaats, zodat daar in het vervolg van gemeentewege graven werden uitgegeven. In 1859 kreeg Elspeet een gemeentelijke begraafplaats buiten de bebouwde kom. Ondertussen waren er wel mensen die eigenaar waren van een nog niet gebruikt graf naast de kerk. Dit lijkt op het probleem dat zich rond 1828 in heel Nederland voordeed. Er moest een regeling komen voor mensen die toen eigenaar waren van een graf in een kerk.

De opening van een nieuwe gemeentelijke begraafplaats in de gemeente Ermelo - Nunspeet - Elspeet had altijd tot gevolg dat de voorganger daarvan gesloten werd verklaard. Zo werd in de jaren '30 de tweede begraafplaats aan de Eperweg te Nunspeet geopend, zodat de andere (uit 1829) officieel gesloten werd verklaard, maar toch vond daar in 2001 nog een begrafenis plaats. In het geval van Elspeet schijnt het na 1880 nog voorgekomen te zijn dat er mensen naast de kerk werden begraven.

In de tweede helft van de 20e eeuw is het kerkhof veranderd naar parkeerterrein. Het is nog onbekend op welke wijze destijds is omgegaan is met de nog geldende grafrechten.

 

Hoe het begon
Volgens de Erfgoedatlas gemeente Nunspeet werd het oudste gedeelte van de huidige begraafplaats in Elspeet aangelegd in 1829. Waarschijnlijk is dit uitgangspunt gekozen omdat vanaf dat jaar het begraven in kerken verboden werd. Dit lijkt onjuist omdat er een gemeentelijk verslag bestaat met datum 7-10-1858 met de volgende tekst:
Op daartoe door Burgemeester en Wethouders gedaan voorstel is besloten dat, te beginnen met den eerste januari 1859, het begraven der lijken te Elspeet zal plaats hebben, op een afzonderlijke, in overeenstemming met de bestaande voorschriften, aan te leggen begraafplaats, gelegen buiten het dorp, tot welks einde is aangekocht van mevrouw de Wed. van Oordt een hakbosch, groot ongeveer 42 roeden, gelegen aan den weg van Elspeet naar Uddel, zijnde het zuidelijk gedeelte van de kadastrale nummers 892 en 894 van sectie F der gemeente Nunspeet, volgens de op het terrein gemaakte afscheiding en zulks voor een koopsom van honderd tien gulden.

Het is ook mogelijk dat er al geruime tijd voordat de gemeente deze begraafplaats aankocht begraven werd. Er zijn immers meerdere plaatsen bekend waar vooraanstaande personen grond beschikbaar stelden voor een begraafplaats. Dit vanwege de wantoestanden van het begraven in en rond kerken. Wellicht speelden de royale inkomsten hierbij ook een rol. Op basis van deze redenering is wellicht zelfs te verklaren dat op de begraafplaats in Elspeet vanaf 1888 tot begin van de 20e eeuw telkens op verschillende plaatsen werd begraven. Op het oudste deel van de begraafplaats zijn de grafnummers immers niet opvolgend maar lijken in willekeurige volgorde over de begraafplaats verdeeld te zijn.
Dit zou overeen kunnen komen met de toen gebruikelijke wijze van begraven in en rond kerken. Zolang het bekend was dat er iemand begraven lag werd de grafrust gerespecteerd. Als dit in het vergeetboek raakte, of als er ruimtegebrek ontstond werd het graf geschud. Dit hield in dat de aanwezige beenderen dieper in het graf werden begraven waardoor ruimte ontstond voor een nieuw graf. Er werd vanwege de beperkt beschikbare ruimte immers telkens op dezelfde plaats begraven.

Er wordt echter ook beweerd dat de grafnummers in het verleden zijn verplaatst tijdens gemeentelijke onderhoudswerkzaamheden op de begraafplaats. In de jaren 1906 t/m 1909 zijn echter afzonderlijke kindergraven aangelegd met afwijkende afmetingen. Er is een controle uitgevoerd waaruit blijkt dat de grafnummers met bijbehorende gegevens overeenkomen met de afmetingen van een kindergraf. Op basis hiervan lijkt het niet aannemelijk dat de grafnummers zijn verplaatst, hoewel dit in individuele gevallen niet is uit te sluiten.

Wel blijkt uit de wijze van begraven dat de aanleg van het oudste deel van het kerkhof heel duidelijk aansluit op de gewoonten die behoren bij het begraven in de kerk. Zo sluiten alle graven op elkaar aan zonder ruimte voor looppaden. Dit was ook de gewoonte bij het begraven in kerken omdat men zeer spaarzaam om moest gaan met de beschikbare ruimte. Dit betekende dat men bij begrafenissen en latere bezoeken over omliggende graven moest lopen om het graf van een geliefde te bezoeken. Destijds was dit heel gewoon vanwege het feit dat lopen over de graven in kerken een gebruikelijk verschijnsel was. Dit is op de begraafplaats nog goed waarneembaar. Om het lopen over de graven mogelijk te maken dienden de grafstenen liggend uitgevoerd te worden waarbij ze geheel verzonken waren in de aarde. Dit is bijvoorbeeld waarneembaar bij koopgraf nummer 5 (EG-5) van Anna Maria Margaretha Schäfer op het oudste deel van de begraafplaats. Een ander voorbeeld betreft eigengraf nummer 7 (EG-7) van Berend Dijkgraaf. Beide graven zijn voorzien van een geheel in het omliggende gras verzonken grafzerk die ook in een kerk niet misstaan zou hebben.

7   8
 Grafmonument EG-5 van Anna Maria Margaretha Schäfer.                       Grafmonument EG-7 van Berend Dijkgraaf.

 

9Hekwerk EG- 4 van Eduard Rienk DamstéToch is ook waarneembaar dat het lopen over de graven niet in alle gevallen werd gewaardeerd. Welgestelden kozen er in dat geval voor het graf af te zetten met een hekwerkje. Als voorbeeld hiervan verwijs ik naar eigengraf nummer 4 (EG-4) van Eduard Rienk Damsté (1830-1892). Dit graf met een markante liggende grafsteen is nog altijd voorzien met de resten van wat ooit een sierlijk ijzeren hekwerk is geweest. Een ander voorbeeld betreft het eigengraf nummer 11 (EG-11) van het echtpaar Derkje Nijhof (1839-1910) en Johannes Beelen (1840-1926).

 

 

10Hekwerk EG-11 van Derkje Nijhof en Johannes BeelenTenslotte wil ik erop wijzen dat de opzet van het oudste deel van de begraafplaats geheel in stijl is met het begraven in de kerk. De rijke en belangrijke mensen werden vooraan begraven terwijl de arme mensen juist helemaal achteraan werden begraven. Dit met het doel dat alle bezoekers de graven van vooraanstaande personen eerst moesten passeren om de graven van meer eenvoudige lieden te bezoeken.

 

 

 

 

Uitbreidingen
Na de eerste aanleg van de Algemene Begraafplaats is deze in 3 stappen uitgebreid tot de huidige omvang. Deze uitbreidingen hebben plaatsgevonden op basis van de toenemende behoefte aan grafruimte.

Aanleg Algemene Begraafplaats
Fase In gebruik genomen Bijzonderheden
I voor 1866  
II 1920  
III 1940  
IV 1961 Ontwerp architect Hans Warnau

 

11Fasen van aanleg van de Algemene Begraafplaats.

De diverse fasen van uitbreiding tonen telkens een overgang van gebruiken in het uitvoeren van de wijze van begraven aan.

Fase 1, de aanleg was gebaseerd op gebruiken van begraven in de kerk:

  • Graven aaneengesloten zonder looppaden.
  • Overledenen allen liggend naar het oosten begraven.
  • Er werd strikt in klassen begraven.
  • Er werd uiting gegeven aan het standsverschil in de verschillende klassen van begraven.
  • Indeling op basis van inzichten van destijds, belangrijke personen vooraan, armen achteraan.
  • Iedere overledene had een eigen graf. Slechts in een beperkt aantal gevallen werd dubbel begraven.

Fase 2, loslating kerkelijke structuur:

  • Graven worden aangelegd met looppaden.
  • Het begraven richting het oosten wordt losgelaten.
  • De klassenindeling blijft gehandhaafd, maar de verschillen worden kleiner.
  • Dubbel begraven wordt meer gebruikelijk. Diverse personen zonder familieband worden bij elkaar begraven. Er zijn kindergraven waarin 5 kinderen zijn begraven.

Fase 3, het wordt vrijer en frivoler:

  • Graven worden aangelegd met looppaden in diverse vormen. In het midden is een cirkel gesitueerd.
  • Op basis van het vrije ontwerp is duidelijk dat het begraven richting het oosten volledig is losgelaten.
  • De klassenindeling blijft gehandhaafd met kleine verschillen.
  • Dubbel begraven wordt meer gebruikelijk. Dit gebeurt steeds vaker op basis van de familiebanden zoals echtparen, ouders en kinderen, broers en zussen.
  • Het begraven van kinderen blijft een moeilijk punt. Hiervoor wordt een apart deel van de begraafplaats gebruikt. Er is een graf aanwezig waarin 9 kinderen zijn begraven.

Fase 4, ontwerp van architect Hans Warnau:
Het is opmerkelijk dat de begraafplaats in Elspeet is ontworpen door architect Hans Warnau. De opdracht hiervoor is al verstrekt in 1951 zoals blijkt uit het Ermelo’s Nieuwblad van 9 november 1951. In het boek Vanzelfsprekende schoonheid over tuin- en landschapsarchitect Hans Warnau wordt het gedachtengoed van hem rond begraafplaatsen als volgt beschreven:
“Warnau vond het belangrijk dat alle graven een gelijkwaardige plaats hadden en zo rechtstreeks mogelijk bereikt konden worden – hierbij denkend aan mensen die met een plantje of bosje bloemen langs kwamen en geen boodschap hadden aan een lange route van een indrukwekkende hoofdruimte naar een achteraf plekje. Om de directe bereikbaarheid van alle graven invulling te geven is gebruik gemaakt van grafkamers die met begroeiing zijn vorm gegeven”.

  • Bij ingebruikneming van fase IV is de wijze van grafnummering gewijzigd. Vanaf dit moment worden alle graven oplopend genummerd, ongeacht in welke klasse is begraven.
  • In het begin werden de graven nog wel gemarkeerd met de klasse waarin was begraven. Dit is later komen te vervallen.
  • Graven worden meermaals gebruikt binnen de familiebanden. Leden van gezinnen worden bij elkaar begraven.

 

Grafnummers en klassen

Vanaf het jaar 1888 is men in Elspeet begonnen de graven te nummeren en de graven te markeren met een grafnummer. Het grafnummer werd aangebracht door het plaatsen van een gietijzeren paaltje met hierin het grafnummer en klasse afgedrukt. Het is hierbij opvallend dat iedereen, dus ook levenloos geboren kinderen een volwaardig graf kregen toegewezen. Wellicht is dit een reactie geweest op de problemen van het begraven van levenloos geboren kinderen op het kerkhof bij de kerk. Wel zijn in de jaren 1906 t/m 1909 kinderen begraven in een kindergraf wat de helft was van het graf voor een volwassene.
Het zogenoemde dubbel begraven (twee personen in één graf) werd bijna niet toegepast. Dit gebeurde alleen als bijvoorbeeld levenloos geboren meerlingen ter wereld kwamen en dus ook gelijktijdig werden begraven. Een voorbeeld hiervan vindt u bij grafnummer III-3 (derde klasse grafnummer 3) waar een tweeling begraven is van Berend Bomhof (1847-1906, zelf begraven in graf II-60) en Klaasje Beek (1853-1910, begraven in graf II-74). Een ander voorbeeld vindt u bij grafnummer III-472 waar een levenloos geboren drieling begraven is van Peter de Bruin (1876-1959, zelf begraven in graf II-179) en Maria Hennephof (1875-1965, graf II-179). Peter de Bruin en Maria Hennephof zijn dus niet bij hun kinderen maar wel als echtpaar begraven.

Het dubbel begraven werd wel toegepast in de duurdere 1e klas huur- en koopgraven. De bijzetting volgde dan vaak vele jaren na de 1e uitgifte van het graf.

Vanaf het begin van de grafnummering wordt in klassen begraven namelijk:

  • Klasse IV
  • Klasse III
  • Klasse II
  • Klasse I
  • EG (eigen graven)

Klasse IV:
De 4e klasse betrof overledenen die zelf of waarvan de familierelaties onvoldoende financiële middelen hadden om zelf de begrafenis te bekostigen. In dat geval werd men op kosten van de gemeenschap begraven wat automatisch inhield dat men 4e klas werd begraven. Dit betrof een apart deel van het kerkhof. Alle gietijzeren grafnummers op dit deel dragen niet alleen het unieke grafnummer maar vermelden ook de grafklasse IV. Er zijn enkele opvallende zaken rond het begraven in klasse IV:

Klasse IV:

  • Klasse IV graven mochten niet voorzien worden van een grafmonument of enige grafbedekking. Tot op heden is dit zo gebleven. Geen enkel graf van de 47 aanwezige klasse IV graven is voorzien van verfraaiing.
  • Het begraven in klasse IV was destijds zo geaccepteerd dat de overheid en kerkelijke gemeente hierin geen aanleiding zagen tot aanvullende ondersteuning.
  • Het begraven in klasse IV is gestopt in 1909, terwijl er nog ruimte was voor tientallen graven. Waarschijnlijk is vanaf 1909 de ondersteuning vanuit de overheid en kerk zodanig verhoogd dat ook de armen in de IIIe klasse begraven konden worden.
  • Het begraven in klasse IV werd net als de andere klassen geregistreerd. Echter is grafnummer IV 43 vergeten bij te schrijven in het register. Hierdoor is onbekend wie hier begraven ligt.
  • Juridisch gezien is het interessant welke status klasse IV graven hebben. Destijds bestond er geen gemeentelijke verordening rond het begraven en was alleen de wet op de lijkbezorging van toepassing. Omdat men werd begraven op kosten van de gemeenschap betrof het geen huurgraf en zeker geen koopgraf. Omdat de tijdelijkheid van dergelijke graven niet is vastgelegd zijn er redenen om aan te nemen dat deze graven voor onbepaalde tijd zijn uitgegeven.

12Klasse IV graven, alle zonder grafmonument.

Klasse III:
De 3e klasse was de meest voorkomende klasse van begraven. Het betrof een huurgraf wat men ook (later nog) kon kopen. Het was de goedkoopste wijze van begraven waarbij men zelf de kosten droeg.

Klasse II:
De 2e klasse was duurder dan de 3e klasse. Het betrof een huurgraf wat men ook (later nog) kon kopen. Opvallend is dat in klasse II relatief gezien minder kinderen zijn begraven. De reden hiervoor is onbekend maar zou financieel kunnen zijn:

  • Ouders lieten kinderen 3e klas begraven vanwege de kosten.
  • Ouders hadden meer financiële middelen dus kwam kindersterfte minder voor.
  • Ouders kregen naarmate men ouder werd meer financiële middelen zodat men zelf klasse II begraven werd.

13Grafnummer met klasse.Klasse I:
De 1e klasse was nog weer duurder dan de 2e klasse.

Vanaf 1983 worden er op de Algemene Begraafplaats in Elspeet geen klassen meer toegepast. De grafnummering is hierop aangepast. Een uitzondering zijn de grafkelders. Grafkelders worden ook nu nog met klasse I aangeduid.

EG:
De afkorting EG stond voor een koopgraf d.w.z. een eigen graf. Het kopen van een eigen graf is slechts kort van toepassing geweest. Deze graven zijn dan ook gemarkeerd met de letters EG als klasse van begraven 

14Voorbeeld gietijzeren grafidentificatie met de vermelding van EG (eigengraf/koopgraf).

Later werd de grens tussen huur- en koopgraven kleiner en bestond een koopgraf uit een huurgraf wat werd aangekocht. Aankoop van een eigen graf kon dan ook nog later plaatsvinden. Hiervan ontving degene op wiens naam het graf werd aangekocht een schriftelijk bewijs. In de gemeentelijke administratie werd de aankoop van een graf slechts aangetekend in het grafregister door dit bij te schrijven.

Verschil huur- en koopgraven:
Binnen gemeente Nunspeet was er tot het jaar 1988 geen verordening waarin de tijdelijkheid van huur- en koopgraven was opgenomen. Hierdoor werden graven aangekocht voor onbepaalde tijd. Pas na 1988 is er een gemeentelijke verordening die de grafrechten beperkt tot maximaal 30 jaar. Het aankopen van een graf bestond uit 2 handelingen, namelijk het huren van het graf en vervolgens het aankopen van het graf. Dit komt ook overeen met de lay-out prijslijst van de eerste algemene grafregisters.

Ook het huren van een graf was in principe voor onbepaalde tijd. Dit blijkt o.a. uit het feit dat het lange tijd gebruikelijk is geweest 30 jaar lang jaarlijks huur te betalen. Daarna kwam de huur te vervallen. Dit vanwege de redenatie dat er genoeg was betaald. Dit betekende destijds dat er genoeg huur was betaald in verhouding tot de kosten van een koopgraf.

15Lay-out algemeen grafregister (niet het oudste, dat betreft een handgeschreven exemplaar).

Bovenstaande handelswijze van het huren van een graf wat vervolgens wordt aangekocht komt ook overeen met de documenten die verstrekt werden aan de nabestaanden als rechthebbenden van het graf.

16Document huur graf I-64. Uit het document blijkt dat het graf wordt uitgegeven voor onbepaalde tijd. Document beschikbaar gesteld door Hans Steentjes. 

17Document aankoop graf I-64. Document beschikbaar gesteld door Hans Steentjes.

 

Onbepaalde tijd:
Toen in het jaar 1888 werd begonnen met de grafnummering werden gietijzeren grafnummers geplaatst. Deze grafnummers werden altijd bij het hoofdeinde van het graf geplaatst wat is op te maken uit de ligging van de graven.
De ligging van de overledenen is op het oudste deel altijd liggend met het gezicht naar het oosten gericht. Dit vanuit de Christelijke overtuiging dat op de jongste dag de Zon der Gerechtigheid zal opgaan die de doden uit het graf zal roepen. Ook deze zon zal waarschijnlijk in het oosten opgaan.

Vanuit deze gedachte is het graf per definitie tijdelijk. Vandaar dat gesproken wordt over grafrechten voor onbepaalde tijd en niet over eeuwigdurende grafrechten.

 

Grafkelders:
In een aantal gevallen is men begraven in een zogenoemde grafkelder. Op de Algemene Begraafplaats te Elspeet betekent dit dat gebruik gemaakt wordt van een stenen of betonnen grafruimte.

 

Functie Algemene Begraafplaats Elspeet

Hoewel Elspeet vaak wordt beschreven als een afgelegen en geïsoleerd dorpje op de Veluwe komt dit beeld niet overeen met de werkelijkheid. Immers beschikte Elspeet zoals al aangegeven al in de middeleeuwen over een kerk met een bijbehorend kerkhof.
Ook het oudste deel van de Algemene Begraafplaats vertelt een ander verhaal. Zo blijkt dat Elspeet al voor 1892 beschikte over een geneesheer (zie het graf EG-4 van geneesheer Eduard Rienk Damsté 1830-1892). Ook had Elspeet een dorpssmid (zie graf EG-72 van Gerrit Denekamp ABT 1846-1910). Zowel de kerk, de geneesheer en de dorpssmid vervulden destijds een regionale functie.
Hetzelfde is van toepassing op de Algemene Begraafplaats te Elspeet. Vanuit de wijde omgeving werden de mensen op de Algemene Begraafplaats te Elspeet begraven. Naast Elspeters werden er ook personen uit Uddel, Vierhouten, Staverden, Leuvenum en zelfs Houtdorp begraven.
Zie bijvoorbeeld graf III-101 van Gerrit de Gunst (1814-1893). Deze schoenmaker uit Houtdorp (bij Ermelo) is op de Algemene Begraafplaats in Elspeet begraven.

 

Met het benoemen van markante graven willen we de bijzondere waarde van de begraafplaats in het algemeen en van deze graven in het bijzonder tot uitdrukking brengen.

 

Oorlogsgraven
Aan de aanwezige oorlogsgraven op de Algemene Begraafplaats te Elspeet is op de website www.elspeethistorie.nl een apart item gewijd. Om deze reden worden de oorlogsgraven hier niet beschreven.

 

Drie oudst bekende graven
Het oudst bekende grafmonument betreft het graf van Maria Schouten (1846-1869). Het is spijtig dat het grafmonument van haar verloren is gegaan. Wel is een foto bewaard gebleven.

21                                  22

Oudst bekende grafmonument is van Maria Schouten (1846-1869). Foto beschikbaar gesteld door Tiemen Goossens.
Grafmonument Jannetje Jacobs Hop (1789-1878). Foto beschikbaar gesteld door Tiemen Goossens.


Een ander oud grafmonument was aanwezig op het graf van Jannetje Jacobs Hop (1789-1878). Ook dit grafmonument is verloren gegaan. Ook hiervan hebben we wel een foto beschikbaar.

23Grafmonument Jan Drost (1838-1887). Foto beschikbaar gesteld door Tiemen Goossens.

24Grafmonument Cornelis (Brandsen) Mouw (1790-1872).Het grafmonument van Jan Drost (1838-1887) betrof een bijzonder exemplaar. Dit omdat het een geëmailleerd grafbord betrof. Helaas is ook dit grafmonument verloren gegaan. Gelukkig hebben we wel een foto beschikbaar. Het grafmonument was bijzonder omdat het een geëmailleerd grafbord betrof op een graf vanuit 1887. Dergelijke borden waren destijds nog niet leverbaar. Hiermee wordt aangetoond dat ook in vroege tijden al grafmonumenten werden geplaatst op graven van personen die al vele jaren geleden overleden waren.

Tenslotte wil ik het graf noemen van Cornelis (Brandsen) Mouw (1790-1872). Cornelis was bij leven landbouwer, holtrichter, raadslid en kapitein van de schutterij. Hoewel Cornelis hoog op de sociale ladder stond is zijn grafmonument heel eenvoudig.

Dit grafmonument biedt dan ook een inkijkje in de wijze van begraven van destijds. Sober en zeer eenvoudig. Het materiaal lijkt een soort Belgisch hardsteen waar de tekst op eenvoudige wijze is ingekrast. Aan de buitenzijde zijn nog resten van vormgeving van de steen zichtbaar wat bestond uit het aanbrengen van een inkarteling. Van vakkundig beeldhouwwerk is geen sprake.

 

25

 

Qua tekst
Als eerste wijs ik u op het graf van Gerardus Bossenbroek (EG-14, 1862-1931). Het grafmonument vermeldt de tekst “OUD. GEREF GEM: TE ELSPEET”. Dit betekent dat Gerardus Bossenbroek bij leven ouderling was van de Gereformeerde Gemeente te Elspeet. 

 

Grafmonument van Gerardus Bossenbroek (EG-14, 1862-1931). 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als tweede wijs ik u op het graf van Martinus Drost (I-34, 1873-1923). Het grafmonument vermeldt bovenaan de tekst “hier rust onze geliefde onderwijzer”, aan de onderzijde staat de tekst “de kinderen der zondagsschool”. Martinus Drost was onderwijzer terwijl hij ook lesgaf op de zondagsschool.

26

 Grafmonument Martinus Drost (I-34, 1873-1923).

27Qua vormgeving
Op de begraafplaats is het graf aanwezig van Harmanus Nadus Steentjes (I-64, 1904-1944). Op dit graf stond een grafmonument wat gemaakt was door beeldhouwer Evert Jan van Maanen. Het betrof een kunstwerk wat specifiek gemaakt was voor het graf van oorlogsslachtoffer Harmanus Nadus Steentjes. Van beeldhouwer Evert Jan van Maanen is bekend dat hij vaker dergelijke monumenten maakte en ook medewerking heeft verleend aan het beeldhouwen van oorlogsmonumenten.

 

 

Graf I-64 van Harmanus Nadus Steentjes in 1996. Foto beschikbaar gesteld door Dick Baas.

 

 

Helaas heeft de gemeente Nunspeet het grafmonument rond het jaar 2007 afgevoerd in verband met de slechte toestand. Bijzonder jammer dat een dergelijk monument niet bewaard gebleven is voor de toekomst.

 

Onbekend graf
Graf II-2 betreft het graf van 2 levenloos geboren kinderen van H. Mouw. Deze kinderen zijn op 29-5-1888 begraven zoals blijkt uit het grafregister. Er is geen aanvullende informatie bekend. Niet vanuit gemeentelijke registers en niet vanuit kranten uit die tijd.
Vermoedelijk betrof dit een onvoldragen tweeling die op verzoek van de familie toch in een regulier graf zijn begraven. Dit zou kunnen verklaren waarom van deze kinderen geen aanvullende informatie bekend is. Bijzonder voor 1888.


Het graf van een veroordeelde
Graf III-226 betreft het graf van Jannes Bonhof (1876-1899). Jannes was in het jaar 1899 veroordeeld tot 6 weken gevangenisstraf wegens mishandeling. Daarna was hij ook in 1899 ook veroordeeld tot 4 jaar gevangenisstraf voor verkrachting. Om aan zijn straf te ontkomen was Jannes Bonhof naar Duitsland gevlucht. Hier is hij opgepakt en later in Venlo overgedragen aan de Marechaussee. Na de overdracht aan de Marechaussee is Jannes Bonhof  onder begeleiding op transport gesteld naar de gevangenis te Arnhem. Tijdens de treinreis is Jannes Bonhof  tussen Vierlingbeek en Boxmeer zittend tussen 2 agenten van de Marechaussee plotseling overleden. Krantenartikelen uit die tijd geven aan dat Jannes ziek was.

28

Overveluwsweekblad 21-10-1899 feitenrelaas overlijden Jannes Bonhof in 1899.
Grafnummer III-226 van Jannes Bonhof losliggend langs het looppad.

Indien Jannes Bonhof was overleden in het tijdperk dat in en om de kerk werd begraven was hij vanwege zijn veroordeling in de ongewijde aarde begraven. Op de Algemene Begraafplaats bestond die mogelijkheid niet en werd men ook in dergelijke gevallen in een regulier graf begraven.
Het is heel opmerkelijk dat het graf van Jannes Bonhof langs het looppad gelegen is. Immers waren de plaatsen langs de looppaden ereplaatsen. Voor ons blijft het gissen waarom doodgraver Berend Dijkgraaf juist deze plaats uitkoos als graf voor Jannes Bonhof.


Ontbrekende graven
Wat er niet is kan niet geteld worden. Toch is het goed ook aandacht te besteden aan graven die ontbreken. Omdat het vervoeren van lijken vroeger veel moeilijker was dan nu kwam het regelmatig voor de overledenen in de plaats werden begraven waar men kwam te overlijden.Op plaatsen waar dat met enige regelmaat voorkwam zoals ziekenhuizen en inrichtingen werden hiervoor zelfs speciale begraafplaatsen aangelegd. Zo is op de locatie van het vroegere sanatorium Sonnevanck en ziekenhuis Boerhaave nog een oude begraafplaats aanwezig waar overleden patiënten werden begraven.

29

 

Uit het Overveluws weekblad van 22-3-1911 blijkt dat een boerendochter destijds werd verdacht van kindermoord. Voor het gerechtelijk onderzoek is het kinderlijkje ter gerechtelijke schouwing naar het parket in Zwolle gezonden. Uit onderzoek blijkt dat dit kinderlijkje na de schouw niet in Elspeet is begraven.

 

Artikel uit: Overveluws weekblad 22-3-1911

 

 

 

 

 

 

 

Ontbrekende grafnummers
In de loop der jaren zijn diverse grafnummers zoekgeraakt. Hierdoor is een graf op de begraafplaats niet meer identificeerbaar. Als er dan geen eenduidige tekeningen aanwezig zijn zoals bij fase I en II het geval is betekent dit dat het graf niet meer teruggevonden kan worden. Het betreft alle graven in klasse III met de volgende grafnummers:
29, 45, 81, 99, 104, 143, 149, 296, 312, 313, 314, 315, 317, 415, 416, 421, 422, 423, 425, 426, 427, 428, 429, 430, 431, 432, 433, 434, 435, 436, 437, 438, 439, 440, 441, 442, 443, 444, 445, 446, 447, 448, 449, 450, 451, 452, 453, 454, 455, 456, 457, 458, 459, 460, 461, 462, 486, 494, 495, 501, 592, 604 en 606.

In enkele gevallen is wel mogelijk de locatie op basis van omliggende nummers en/of tekeningen vast te stellen. Dit is met name van toepassing in fase III en IV van de Algemene Begraafplaats. Deze ontbrekende grafnummers zijn dan ook niet opgenomen in bovenstaande lijst.


Beschadigde grafnummers
Om het zoekraken van grafnummers te voorkomen is het belangrijk dat deze niet beschadigd raken. In een aantal gevallen komt dit toch voor, vooral bij graven langs de paden en bij graven die op een hoek geplaatst zijn. In voorkomend geval is herstel gewenst omdat losliggende nummers heel gemakkelijk kunnen gaan zwerven door werkzaamheden als grasmaaien en aanharken. Ook kunnen deze nummers gemakkelijk zoekraken in de begroeiing of onder bladeren verdwijnen. Helaas heeft reparatie van beschadigde grafnummers geen prioriteit.

30

Verzameling beschadigde grafnummers.

Onleesbare grafnummers
Onleesbare grafnummers zijn hun functie verloren. Het is ongewenst dat bezoekers van de begraafplaats gereedschappen mee moeten nemen om grafnummers op te diepen. Toch komt het regelmatig voor in alle fases van aanleg van de begraafplaats.

31  32

Foto links: dit betreft toch echt een grafnummer. Foto rechts: de lengte van de gietijzeren grafnummers is op andere plaatsen ruim voldoende om de klasse en het grafnummer zichtbaar te houden.

Onleesbare grafnummers kunnen de zoektocht naar een specifiek graf behoorlijk moeilijk maken. Bovenstaande foto’s betreffen gietijzeren paaltjes die zijn gebruikt voor grafidentificatie in de fasen I en II.

33

Verzameling onleesbare grafnummers. In de fasen III en IV zijn betonnen paaltjes gebruikt voor grafidentificatie. Deze paaltjes zijn lang genoeg om de relevante informatie goed zichtbaar te laten.

34

Foto links: correct opgestelde grafidentificatie.

 

 

 

 

Kale graven
Op de Algemene Begraafplaats zijn diverse kale graven aanwezig. Hiermee bedoelen we graven die voorheen wel voorzien waren van een grafmonument maar waarvan nu nog slechts restanten aanwezig zijn. Vaak zijn deze restanten lege plaatsen waar in vroeger tijden bordjes aanwezig waren waaruit bleek wie er begraven lag. Het komt ook voor dat de grafstenen niet meer leesbaar zijn of voor een deel verwijderd zijn.

35

Verzameling kale graven

Niet leesbare grafmonumenten
Op de begraafplaats zijn diverse grafmonumenten die om verschillen redenen niet meer leesbaar zijn. Het kan zijn dat er geen nabestaanden meer zijn of dat het voor kortere of langere tijd is vergeten.

36

Verzameling onleesbare grafmonumenten.

 

 Beplanting en extensief beheer

 37       38

Extensief beheer heide en beplanting. Grafnummers niet leesbaar.

39       40

Extensief beheer van gras waardoor grafnummers en grafmonumenten niet leesbaar zijn. Foto rechts: extensief beheer op hoeken van paden, inzet betreft vergrote weergave.

 

41Foto uit 2009 losliggend bord graf III-840 van Stijntje Hoekert.

Verkeerd geplaatste grafmonumenten

Door het ontbreken van grafnummers en tekeningen komt het voor dat nabestaanden niet meer weten / wisten waar een graf is gelegen. Als grafmonumenten dan los raken en verplaatst worden dan zijn fouten bij het terugplaatsen zomaar gemaakt.
Als voorbeeld noem ik graf III-840 van Stijntje Hoekert (1874-1936). Op een foto vanuit 2009 blijkt dat het grafbordje los was geraakt. Het bordje van graf III-840 is vervolgens teruggeplaatst op graf III-829 het graf van Gijsbert Jan Vossegat (1935).
In werkelijkheid behoorde het bordje op de lege grafplaat bij graf III-840 geplaatst te worden.

42Foto uit 2015 bord afkomstig van graf III-840 teruggeplaatst bij grafnummer III-829

 43Lege grafpaal van graf III-840 van Stijntje Hoekert (1874-1936).

 

 

 

 

 

 

 

 

Er zijn diverse andere voorbeelden te noemen van foutief geplaatste grafmonumenten. Dit doen we niet omdat niet in alle gevallen de oorspronkelijke situatie gereconstrueerd kan worden.

 

Gemeentelijke rol
De gemeentelijke rol voor de Algemene Begraafplaats is bij wet geregeld. Immers dienen gemeenten zich te houden aan de geldende wetgeving. De wetgeving ten aanzien van begraven is al heel oud en is ingegaan in 1869. Het betrof de wet (van 10 april 1869) gepubliceerd in Staatsblad 65 tot vaststelling van bepalingen omtrent het begraven van lijken, de begraafplaatsen en de begrafenisrechten. Vanwege de lange naam werd deze wet kortweg Begrafeniswet genoemd.
Sinds 1955, is het de wet op de lijkbezorging geworden omdat ook het cremeren hierin bij wet werd geregeld. In 1991 is deze wet gemoderniseerd. T.a.v. begraafplaatsen betekent de wetgeving in het kort dat minimaal zorgvuldig geregistreerd dient te worden wie waar is begraven.

Daarnaast heeft de gemeente Nunspeet in 1988 een verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen vastgesteld. Met het inwerking treden van deze verordening zijn de grafrechten beperkt tot 30 jaar. Ook is geregeld in de verordening hoe het beheer van de begraafplaats wordt vormgegeven. Hierbij is ook vastgelegd hoe om te gaan met graven die in verval raken.

 

Informatiebeheer
Vanaf 1888 bestonden de grafregisters uit boeken welke hoofdzakelijk per klasse werden bijgehouden. De overledenen werden handmatig bijgeschreven in het grafregister met de datum van begraven en eventueel enige aanvullende informatie. Op deze wijze werd ook geregistreerd als een graf later werd aangekocht en of er vergunning was verleend voor het plaatsen van een grafmonument. Dit systeem is voor de graven die geregistreerd staan in de grafregisters tot op heden in gebruik gebleven. 

44

Tekst grafregister “eigen graf (betaald 2x f 15,-) verg gr steen 9 Mei 53”.

45Tekst grafregister “Grafrechten aangekocht per 20 sept. 2009”.

Na de oorlog is het gebruik van de grafregisters beëindigd. Voortaan werd deze informatie bijgehouden in een kaartenbak. Tot op heden is dit systeem in gebruik gebleven.

Zowel de grafregisters als de kaartenbak lenen zich niet voor openstelling voor publiek. Hoewel de grafregisters via het streekarchivariaat toegankelijk zijn, zijn de boeken hier eigenlijk te kostbaar voor. De kaartenbak wordt nog actief gebruikt binnen de betrokken afdeling waardoor deze niet toegankelijk is voor publiek. Informatie dient per individueel geval opgevraagd te worden.


Tekeningen
Van de fase I zijn geen tekeningen beschikbaar.

Van de fases II en III zijn wel tekeningen aanwezig, echter deze zijn zeer slecht leesbaar en hierdoor niet geschikt voor publicatie.

In fase IV wordt nog altijd gewerkt met de werktekeningen die gemaakt zijn tijdens het ontwerp van architect Hans Warnau in 1951. In de loop der jaren zijn wijzigingen opgetreden in de ligging van graven en de ingetekende aantallen. Hierdoor wijken de tekeningen af van de gerealiseerde werkelijkheid. Dit maakt de tekeningen minder geschikt voor publicatie, er wordt immers verouderde informatie verstrekt.

Isolatie grafinformatie
Binnen het gemeentelijke apparaat worden diensten meer en meer gedigitaliseerd. Dit is ook van toepassing op de dienstverlening. De informatievoorziening rond de begraafplaatsen in het algemeen en de grafinformatie per specifiek graf in het bijzonder blijven hierbij achter. De informatievoorziening van de begraafplaatsen kan geïsoleerd te raken ten opzichte van de informatie van de burgerlijke stand van geboorte en overlijden.
Dit terwijl het naast de persoonlijke informatie van de overledene ook belangrijke informatie betreft t.a.v. de status van het graf. Zo is informatie over huur- en koopgraven matig inzichtelijk.
Ook zijn deze informatiestromen niet digitaal beschikbaar voor andere interne en externe belanghebbenden.

 

Handhaving kwaliteit grafmonumenten
De verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen biedt de mogelijkheid in overleg te treden met familie om de kwaliteit van de aanwezige grafmonumenten op een redelijk niveau te behouden. Hiervan wordt tot op heden geen gebruik gemaakt.
Dit is jammer omdat er op basis van de gewenste kwaliteit wel monumenten of delen van monumenten worden verwijderd. Naast ongewenst is deze handelswijze ook in strijd met de beheers verordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet.

46Artikel 25 van de beheers verordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet.

De in artikel 25 lid 4 genoemde mededelingen op het mededelingenbord op de begraafplaats en verwijzingen bij het graf hebben we in de afgelopen jaren nooit aangetroffen. Dit terwijl alle aanwezige graven in de loop van het onderzoek minimaal  1 maal, maar in diverse gevallen zelfs een aantal malen bezocht zijn.

 

Financiële aspecten
Last but not least willen we het financiële aspect binnen de gemeentelijke rol benadrukken. Vanaf het begin van het begraven op de Algemene Begraafplaats te Elspeet heeft gemeente Nunspeet (en haar rechtsvoorganger gemeente Ermelo) hiervoor immers kosten in rekening gebracht.
Als tegenprestatie is de gemeente Nunspeet tot het jaar 1988 hiervoor een overeenkomst aangegaan voor onbepaalde tijd met de rechthebbenden van de graven.
Ook nu worden voor de grafrechten kosten in rekening gebracht. Hoewel de grafrechten in 1988 beperkt zijn tot 30 jaar heeft dit destijds niet geleid tot een enorme verlaging van de tarieven.

Landelijk zijn er diverse partijen die onderzoek uitvoeren naar de hoogte van grafkosten per gemeente. Zo is er een onderzoek van Monuta en je kan ook zelf onderzoek te doen.

 

Bron Soort graf Nunspeet Landelijk gemiddelde Diverse gemeenten
Monuta Eigengraf 1 persoon € 3053,- € 2675.-  

Eigen onderzoek

op internet

Bijzetten urn in bestaand graf € 1185,-   € 300 - 500

 Grafkosten

Dergelijke onderzoeken laten zich moeilijk vergelijken. Dit omdat de uitgangspunten verschillend kunnen zijn. Wel ontstaat uit dergelijke onderzoeken een beeld van de grafkosten binnen gemeente Nunspeet. Deze zijn hoger dan het landelijk gemiddelde.

Deze hogere kosten laten zich niet verklaren vanuit de kosten voor grond en arbeid. Nunspeet betreft immers een landelijke gemeente waar dergelijke kosten niet bovengemiddeld hoog zijn.
Wel streeft de gemeente Nunspeet naar parkachtig aangelegde begraafplaatsen, maar ook dit is niet afwijkend t.o.v. de landelijke lijn. Op het gebied van automatisering en digitalisering is een achterstand ontstaan. Op basis van voorliggende argumenten lijkt het mogelijk dat er een financiële reserve voor het beheer van de begraafplaatsen is opgebouwd.

 

Over het algemeen worden graven onderhouden door nabestaanden. Dit is niet verplicht. Naarmate meer tijd verstrijkt komt het onderhoud door nabestaanden meer en meer onder druk te staan. De oorzaken hiervoor zijn divers.
Het is mogelijk het onderhoud van graven uit te besteden aan bedrijven die deze diensten aanbieden. Ook kan het onderhoud van een graf afgekocht worden bij de gemeente.

Naast nabestaanden zijn er nog andere groepen in de samenleving die bereid zijn graven te onderhouden. Dat is soms nodig omdat er situaties kunnen ontstaan dat nabestaanden graven niet meer kunnen onderhouden.
Denk aan graven van overledenen uit predikantsgezinnen. Na vertrek van het predikantsgezin naar een andere gemeente zijn er mogelijk geen nabestaanden binnen redelijke afstand die deze graven nog kunnen onderhouden.
Een dergelijke situatie kan ook optreden als kerken, verenigingen of stichtingen een legaat ontvangen. Mogelijk is de ontvanger bereid het onderhoud van het graf dan langdurig voor haar rekening te nemen.

Er zijn plaatsen waar graven die hoognodig onderhoud behoeven worden opgeknapt door plaatselijke vrijwilligers. Juist voor dergelijke situaties is een goed gemeentelijk beleid noodzakelijk. Voor de vrijwilligers is het immers een must dat bekend is dat je aan een graf mag werken i.v.m. de rechten op het graf van mogelijke nabestaanden. Ook is het van belang dat in voorkomend geval vrijwilligers gevrijwaard worden van mogelijke schade bij werkzaamheden aan verouderde monumenten.

 

Aandacht samenleving niet gefaciliteerd
Tijdens ons onderzoek op de Algemene Begraafplaats te Elspeet troffen we een schrijnend voorbeeld aan van de gevolgen van de inadequate informatievoorziening. Dit betreft het graf van Willem Schouten, geboren 8-9-1947, overleden 18-1-1948.

47Grafmonument graf III-97.

 

 

 

Uit gesprekken met nabestaanden is gebleken dat de familie er waarde aan hecht ook een grafmonument te plaatsen op het graf van de jong overleden Willem Schouten. Echter is het de familie niet gelukt het juiste grafnummer met locatie te achterhalen. Om deze reden is Willem Schouten bijgeschreven op het grafmonument op graf III-97. In werkelijkheid ligt Willem Schouten begraven in graf III-202.

 

 

Plaatsen grafmonument niet altijd toegestaan
In het verleden was er sprake van huur en koopgraven. De grafrechten van beide typen graven hebben we reeds besproken. Toch hanteert de gemeente Nunspeet tot op heden per type graf een afwijkend systeem voor vergunningen. Voor oude huurgraven is het niet mogelijk alsnog een gemeentelijke vergunning te verkrijgen voor het plaatsen van een grafmonument.

 

Ons systeem van begraven

De wijze waarop het onderhoud van de graven verloopt, hangt samen met de wijze van begraven. De Algemene Begraafplaats in Elspeet kenmerkt zich door individuele graven. Familiegraven waarin meerdere generaties begraven worden zijn niet aanwezig.

Er zijn ook andere manieren van begraven waarbij wel meer gebruik gemaakt wordt van familiegraven. Hierdoor kan de binding van graven en nabestaanden generaties lang blijven bestaan.
Door het invoeren van de termijn van 30 jaar grafrecht in de gemeente Nunspeet is deze mogelijkheid komen te vervallen.

48Familie graf in Esbjerg Denemarken. In dit familiegraf heeft in de jaren 1925, 1965, 1974, 1981, 1988 en 2003 een bijzetting plaatsgevonden.

Afstand doen van grafrechten
Het is van alle tijden dat rechthebbenden afstand doen van een graf, ook als de uitgifte van de grond voor onbepaalde tijd is. Als de laatste “bijzetting” voldoende lang geleden plaats vond , dan kan zo’n graf opnieuw uitgegeven worden. Als gemeente en rechthebbenden van graven onderling contacten onderhouden is dan ook vanuit meerdere gezichtspunten wenselijk.
Hernieuwde uitgifte van bestaande graven vergt een bredere kijk op de gemeentelijke verordening t.a.v. begraven. Mogelijk is het gewenst eisen te stellen aan grafbedekking in relatie met omliggende graven.

 

Wensen
De Algemene Begraafplaats Elspeet is een prachtig aangelegde begraafplaats waar inwoners van Elspeet en ver daarbuiten een emotionele band mee hebben. Ook ligt er een schat aan cultuurhistorische waarde verborgen die niet is aangetast door ruiming zoals elders vaak wel het geval is.

49Restant grafmonument op een meervoudig kindergraf. Ook op de Algemene Begraafplaats in Elspeet doet echter de tand des tijds haar werk. De term onderhoud is behoud doet zich ook hier gelden. Om de begraafplaats voor de toekomst te behouden is het noodzakelijk het onderhoud goed te blijven uitvoeren.
Goed onderhoud staat of valt met informatiemanagement. Indien de informatievoorziening schort kan dit ertoe leiden dat de band tussen het graf van de overledene en nabestaanden wordt verbroken.

Om de betrokkenheid van de burgers op langere termijn te waarborgen is het noodzakelijk de informatievoorziening te stroomlijnen. Daarnaast is het een must deze informatie als een dienstverlening aan te bieden, ingebed in de digitaliseringslag die gemaakt is in de gemeentelijke dienstverlening.

De informatievoorziening is een taak die bij wet is toegewezen aan de gemeenten. Voor de Algemene Begraafplaats te Elspeet is dit zeker van toepassing op de fasen waar actief wordt begraven. Het betreft in ieder geval de fasen III en IV. Ook in fase II is heeft vrij recent (2009) nog een bijzetting plaatsgevonden.
De inzet van vrijwilligers en burgerinitiatieven ontslaat gemeenten geenszins van deze verantwoordelijkheid. De volgorde zou moeten zijn dat gemeenten deze verantwoordelijkheid t.a.v. de begraafplaatsen naar behoren invullen waarbij vrijwilligers en burgerinitiatieven aan deze dienstverlening een extra dimensie kunnen geven.

 

Vanwege het ontbreken van een goed werkende gemeentelijke informatievoorziening rond de Algemene Begraafplaats in Elspeet is een website gemaakt om hierin te voorzien. Op de website www.elspeethistorie.nl is een interactieve kaart aanwezig om specifieke graven te kunnen vinden en gelijktijdig de looproute te bepalen. Deze kaart is technisch gezien uniek omdat er een koppeling is gemaakt tussen de beschikbare gegevens van de overledenen, foto’s van het grafmonument en de beschikbare geo-informatie van het graf. De verzamelde informatie is openbaar beschikbaar.
De kaart beschikt over meerdere zoekingangen die we hieronder kort willen toelichten.

 

Selecteren op naam of delen hiervan
Een speciaal zoekprogramma kan u helpen het graf van de juiste persoon te selecteren. Dit zoekprogramma is met name gebruiksvriendelijk als men niet geheel zeker is van de naam. Dit is o.a. van toepassing bij namen met tussenvoegsels. Bij het invoeren van delen van de naam zal het programma op basis hiervan personen uit de lijst selecteren waardoor het voor u gemakkelijker wordt de juiste persoon te vinden.
Indien u de juiste persoon gevonden heeft kunt u met de toets “view” naar de interactieve kaart springen. In de interactieve kaart zal het graf vervolgens oplichten. De kaart kunt u in- en uitzoomen om de gewenste looproute te bepalen.


Zoeken op naam
Onder de interactieve kaart vindt u een veld waarin u een naam of een deel van een naam kunt invoeren. Als u de functie zoeken activeert zal het programma de achterliggende database doorzoeken aan de hand van de opdracht.
De gevonden graven aan de hand van de zoekopdracht zullen vervolgens oplichten. Dit biedt u de mogelijkheid deze graven stuk voor stuk te bekijken. Als in de database foto’s van het graf aanwezig zijn zullen deze u worden getoond. Van de zoekfunctie kunt u ook handig gebruik maken door te zoeken op een leeg veld. In dat geval zullen alle graven oplichten. Dit biedt u de mogelijkheid om u zelf een virtuele rondleiding te geven op de begraafplaats

We wijzen u erop dat in de klasse I en II veel grafnummers verloren zijn gegaan. Om deze graven toch vindbaar te maken worden deze zichtbaar gemaakt in het baarhuisje. Dit betekent niet dat deze personen daar begraven zijn maar dat de locatie van het graf niet nader vastgesteld kon worden vanwege het ontbreken van het grafnummer.


Zoeken op grafnummer
Het zoeken op grafnummer kan bijvoorbeeld heel handig zijn als u op de begraafplaats loopt en u zoek informatie over een concreet grafnummer. Via uw mobiel kunt u ook de site benaderen indien u met internet verbonden bent.


Zoeken op het jaar van overlijden
De mogelijkheid om te kunnen zoeken op het jaar van overlijden is hoofdzakelijk aangebracht om het inzicht te verhogen ten aanzien van de volgorde van begraven. Dit biedt inzicht in de chronologie van begraven.

 

Overige informatie
De website www.Elspeethistorie.nl bied rond de begraafplaats nog veel meer informatie aan. Wij adviseren u eens op uw gemak de website te bekijken. U vindt er bijvoorbeeld informatie over oorlogsslachtoffers en informatie voor een looproute langs de oorlogsgraven.
Mist u informatie of heeft u aanvullende informatie? Maak dan gebruik van de mogelijkheid om contact op te nemen via de site.

 

Personen
Van vele personen hebben we hulp en informatie gekregen die gebruikt is voor het tot stand komen van de inventarisatie van de Algemene Begraafplaats te Elspeet. Alle betrokkenen hartelijk dank daarvoor. Voor daadwerkelijke hulp bij de inventarisatie van de Algemene Begraafplaats te Elspeet zijn we de volgende personen dank verschuldigd:

Henk H. van Asselt:
Voor het maken van foto’s van de graven in de fasen III en IV in 2016. Tevens het beschikbaar stellen van enkele ansichtkaarten.

Sjaak van Wijngaarden:
Voor het aanleveren van diverse portretfoto’s van overledenen die begraven liggen in de fasen I en II van de begraafplaats.

B. Zwanepol:
Voor het beschikbaar stellen van grafinformatie zoals deze beschikbaar is op de aanwezige grafmonumenten in de fasen III en IV. Tevens voor het beschikbaar stellen van foto’s van de aanwezige grafmonumenten op de Algemene Begraafplaats vanuit 2009.


Boeken
Als naslagwerk is gebruik gemaakt van de volgende boeken:

Vanzelfsprekende schoonheid
Tuin- en landschapsarchitect Hans Warnau
ISBN 90-75271-23-9
De geschiedenis van de laatste eer in Nederland
Door H.L. Kok

Begraven & begraafplaatsen
Monumenten van ons bestaan
ISBN 90 6533 506 4

Historie rondom de Hervormde Kerk van Elspeet en Vierhouten
Door: H. Huizinga-Heuvelman


Masterscriptie
Er is gebruik gemaakt van de masterscriptie Rijksuniversiteit Groningen met de titel:
Graven in het landschap
Vormgeving en inrichting van begraafplaatsen in het interbellum
Door Ietze-Jan Stokroos


Grafregisters
Voor de inventarisatie is gebruik gemaakt van de volgende gemeentelijke bronnen:
Diverse grafregisters gemeente Ermelo/Nunspeet
Diverse burgerlijke stand gemeente Ermelo/Nunspeet
Diverse burgerlijke stand gemeente Apeldoorn/Utteld

 

Internet
Voor de inventarisatie is gebruik gemaakt van de volgende internet locaties:
www.streekarchivariaat.nl
www.pondes.nl
www.wiewaswie.nl
www.genealogieonline.nl
www.genealogieonline.nl B. Zwanepol
www.graftombe.nl
www.stamboomzoeker.nl
www.stamboomonderzoek.com
www.zoekakten.nl
http://geneaknowhow.net/vpnd/ge/ermelo_dtb.html
http://www.mensenlinq.nl/

 

50

Als de stemmen zwijgen spreken de stenen.

 

Wie is online?

We hebben 25 gasten en geen leden online