user_mobilelogo

Hieronder treft u een overzicht van crash-sites in de Gemeente Nunspeet en directe omgeving.

Bij het samenstellen van deze informatie is mede gebruik gemaakt van de uitgave "Strepen in de Lucht" van Dick Baas. Uitgave Nunspeet 2008.

MonumentCallaghanCallaghan, boordwerktuigkundige

Op 1 april 1943 manoeuvreerde piloot O’Donoghue zijn machtige Avro Lancaster MKIII langzaam naar de startbaan van vliegveld Elsham Wolds in Lincolnshire, Engeland. Toen de machine op snelheid kwam en opsteeg brulden de motoren, en precies om één minuut voor half vijf in de ochtend verdween het toestel in de donkere nacht. O’Donoghue en zijn bemanning dienden bij het 103e Squadron, ook wel ‘Swindon’s Own Squadron’ genoemd. Normaal gesproken zouden deze jonge mannen misschien geen vrienden zijn, maar aan boord van de bommenwerper waren het kameraden. Elk van hen was zich ervan bewust, dat hij verantwoordelijk was voor het leven van de anderen aan boord. Ze wisten dat één fout fataal kon zijn. In de drie jaren die de oorlog met Nazi-Duitsland nu al duurde, waren al teveel toestellen nooit teruggekeerd van hun missie. Neergeschoten boven Nazi-Duitsland, of boven bezet gebied. De Avro Lancaster ED-626 vertrok voor een solovlucht. Dit keer stonden ze er alleen voor. Geen rugdekking, niemand die kon waarschuwen als een Duitse nachtjager probeerde hen te besluipen. Een grote verantwoording en een groot risico. Hun doelwit was Emmerich, dat net over de grens tussen Nederland en Nazi-Duitsland lag.

In Duitsland en de door de Nazi’s bezette gebieden was iedereen nog in diepe rust. Hoewel: Iedereen? Op vliegveld Twente had Oberfeldwebel Timm van het 3e Jagerssquadron dienst. Hij was nachtjagerpiloot. Bij het eerste alarm zouden hij en zijn boordmarconist in actie komen. Zijn Messerschmidt Bf-110, met daarin het nieuwste wapen van de Duitsers, stond startklaar. Dat wapen had een mooie naam: “Schräge Musik”, maar was even simpel als dodelijk. Het was een kanon dat in de schutterskoepel geplaatst was en schuin naar boven kon vuren. Zodra het de nachtjager was gelukt om ongezien onder zijn prooi te komen, was die ten dode opgeschreven. De “Schräge Musik” deed van onderaf bliksemsnel zijn werk. Oberfeldwebel Timm had al veel overwinningssymbolen kunnen aanbrengen op het richtingsroer van zijn vliegtuig. Elk symbool stond gelijk aan een geallieerd toestel, dat door hem was neergeschoten.

Het begon te schemeren. De bemanning van ED-626 had zijn missie volbracht en maakte rechtsomkeert: snel naar huis! Zorgen, dat de vijand hen niet te pakken kreeg. De twee schutters speurden onafgebroken de lucht af. Geen nachtjager te zien. Ze hadden er geen idee van, dat Oberfeldwebel Timm hen al op de hielen zat…

TimmOberfeldwebel Fritz TimmDaar! Timm zag de Avro Lancaster recht voor zich. Onmiddellijk ging hij lager vliegen en zonder dat iemand van de bemanning van de Lancaster hem had gezien, vloog hij nu zo’n veertig meter onder het vliegtuig. Hij richtte zijn wapen en koelbloedig drukte hij op de knop. Het was een voltreffer.

De bemanning van de ED-626 heeft nooit geweten, waardoor de Lancaster geraakt werd. Het vliegtuig vloog in brand en was het onbestuurbaar geworden. Niemand weet, wat er in de laatste minuten aan boord is gebeurd. Waarom sprongen ze er niet uit? Misschien verloren ze zo snel hoogte, dat ze niet meer uit het toestel konden springen. Een ooggetuige vertelt: “Het vliegtuig verloor snel hoogte en kwam brandend in glijvlucht naar beneden. Het miste nog maar net de kerktoren in Elspeet, voor het in het bos bij het Hulshorster Zand te pletter sloeg.” Direct na zijn voltreffer maakte Oberfeldwebel Timm rechtsomkeert naar zijn thuisbasis. Zijn missie was geslaagd.

1033 SquadronOm ongeveer tien voor half acht in de ochtend boorde de Lancaster zich in de grond. Wie goed kijkt, kan die sporen nog steeds zien. Het stuiterde nog één keer op, voordat het vijftig meter verder neerstortte. Hoewel het een afgelegen plek was, kwamen er direct veel mensen op af. Omwonenden, die de laatste ogenblikken van het vliegtuig met afschuw hadden gevolgd. De plek was makkelijk te vinden, want het vliegtuig brandde als een fakkel. Eén van die mensen was toen een meisje van een jaar of elf. Zij woonde met haar ouders en broers en zusjes midden in het bos. Het was voor hen een half uur lopen naar de plek, waar het vliegtuig was neergestort. “Ik voel nog de hitte van dat brandende vliegtuig,” vertelde ze. “In de bomen hingen twee dode mannen, als lappenpoppen. Ik denk, dat al hun ledematen gebroken waren. Ik ben dat nooit vergeten. Schuin achter het vliegtuig lag een zwaargewonde man. Hij mompelde iets, maar ik kon hem niet verstaan. Hij sprak Engels, natuurlijk. En over de vleugels hingen lange slierten mitrailleurpatronen, als lugubere slingers. Al snel kwamen de Duitsers en iedereen maakte dat hij wegkwam. Het was streng verboden om bij een neergestort vliegtuig te komen. Als je dat toch deed, werd je neergeschoten.”

De gewonde soldaat is door de Duitsers afgevoerd. Later is bekend geworden, dat hij nog dezelfde dag in een ziekenhuis is overleden. Hij ligt begraven op de begraafplaats in Amersfoort. Vier mannen kwamen om in de vlammen. De andere twee werden eruit geslingerd. Zij liggen allemaal begraven op de begraafplaats in Harderwijk. De toenmalige eigenaar van het bos, de heer Jurriaanse, heeft met behulp van enkele mensen van het landgoed als eerste een eenvoudig gedenkteken opgericht op de plek waar het vliegtuig neerstortte. Hij was het, die het kruis plaatste op de plek waar het vliegtuig neerkwam. Er is een tekst: "Zes dooden, een gewonde. Britten vielen hier op den 1 April 1943. Neergeschoten met hun vliegtuig. Matth 6 : 9-14".

In de loop van de tijd is steeds meer van het wrak verdwenen. Meegenomen door souvenirjagers. Nu is er niet veel meer over dan een paar stukken staal, vastgezet in een laag beton, in de hoop dat deze resten verder met rust gelaten worden. Zeven eiken waken over het monument. Eén voor elk bemanningslid: I.C. Burns, schutter, 22 jaar; C. O’Donoghue, piloot, 20 jaar; J.E. Winn, radiotelegrafist, 22 jaar; A.H. Fry, navigator, 21 jaar; E.R.V. Ashcroft, bommenrichter, 20 jaar; J.E. Callaghan, boordwerktuigkundige, 20 jaar en S. Stafford, schutter, 33 jaar.

De gemiddelde leeftijd van deze vliegtuigbemanning was ca. 21 jaar - de piloot=commandant aan boord - was 20! De lancaster bommenwerper had slechts drie vluchten gemaakt en in totaal maar 35 uur gevlogen. Het toestel behoorde tot het 103 Squadron, een squadron met het motto: "Noli me tangere" (raak me niet aan) en het had een zwaan met klapperende vleugels als embleem.
Elk jaar op 4 mei om 20.00 u komen steeds meer mensen hier bijeen voor een herdenking die indrukwekkend is in zijn soberheid.

Dit zijn de vluchten die O’donugue heeft uit gevoerd:

20-Mar-43 Leer G D Solo nuisance raid Lancaster ED612 S/L C O'Donoghue
26-Mar-43 Duisburg G N Point of Aim Lancaster ED612 S/L C O'Donoghue
28-Mar-43 St Nazaire F N U Boat base Lancaster ED612 S/L C O'Donoghue
29-Mar-43 Berlin G N Point of Aim Lancaster ED645 S/L C O'Donoghue
31-Mar-43 Emmerich G D Solo nuisance raid Lancaster ED626 S/L C O'Donoghue

Oberfeldwebel Timm, verantwoordelijk voor het neerschieten van de Avro Lancaster, viel op 28 mei 1944 voor de lopen van een Amerikaanse P-51 Mustang, waarna hij dodelijk getroffen neerstortte op een spoorbaan bij het Duitse Ebsdorf. Na de crash werd sergeant Fritz Timm van Jagdgeschwader 1 overgebracht naar zijn huis in Chemnitz.

Bron: galiartweb.nl  met dank aan: Joske Galiart

15e squadron15e squadron RAFOp 16 december 1942 aan het eind van de middag stegen op het vliegveld Bourn, 75 km ten noorden van Londen, drie bommenwerpers op. Zo ook de Stirling R9168 “T for Tommy” van het 15e Squadron RAF, met aan boord 7 bemanningsleden, in de leeftijd van 20 tot 26 jaar, voor een bombardement van het vliegveld, genaamd Diepholz, bij Bremen. Op de terugweg wordt het vliegtuig onderschept door een Duits vliegtuig met boordkanonnen,  in combinatie met Duits flak boven Emst vol getroffen. Brandend komt de Engelse Stirling boven de Oranjeweg, maakt nog een draai naar het zuiden en stort neer in het dennenbos “Het Veen” in Gortel. Eén bemanningslid Sgt. J.F. Perring (staartschutter) weet tijdig het vliegtuig te verlaten, de overige zes bemanningsleden komen om en zijn begraven op de begraafplaats aan de Tongerenseweg in Epe.

T for Tommy"T" for Tommy

Elk jaar wordt er bij het monument een herdenking gehouden, zeer de moeite waard om deze jonge helden, die voor onze vrijheid stierven te gedenken. Informatie over de herdenking is te vinden op www.brokenwings.nl

Tekst op het monument: Hier vielen 6 geallieerde vliegers, At this place 6 Allied airmen died

P/O. F.S. Millen PILOT Age 21
SGT. R.H. McKillop BOMB Age 25
SGT. G.C.G Hutton

F/ENG

Age 19

P/O. H.E. Hill. AG.

Age 20

P/O. E.H. Kieswetter

OBS

Age 24

P/O. R.N. Holmes

WAG

Age 21

SGT. J.F. Perring

AG

Age 26

Het 'Lancaster-monument' in Elspeet (gemeente Nunspeet) is een gepolijste gedenksteen. Hierop zijn een tekst, de Britse en Canadese vlag, het embleem van de Royal Air Force en een afbeelding van een Lancaster MK3 JB 609 aangebracht. Rondom de steen liggen zeven kleine keien.

De tekst op het gedenkteken luidt:
'OP DE TERUGWEG VAN LEIPZIGmonument schaarwegmonument aan de schaarweg
OP 20 FEBRUARI 1944
HIER NEERGEHAALD

HIERBIJ KWAMEN OM:
N.C. BOWKER FLIGHT-SGT PILOT 21
F.W. BURDETT SGT FLIGHT-ENGINEER 21
A.I. CORLETT FLIGHT-SGT NAVIGATOR 33
E. GEDGE SGT AIR-BOMBER 29
E.S. GOODRIDGE SGT AIR-GUNNER 24
J. MAY PILOT-OFF AIR-GUNNER 21
H.G. WILLIAMS SGT WIRELESS-OPERATOR/AIR GUNNER 22

ELSPEETSE BEVOLKING 19 APRIL 2008.'

Symboliek
De zeven keien rondom de gedenksteen verwijzen naar de zeven slachtoffers.

Het toestel een lancaster JB-609 PH-F is op zaterdagavond om 23.23 uur opgestegen van de basis Wickenby, de thuisbasis van 12 Squadron. Een zevenkoppige bemanning met Flight Sergeant Norman Charles Bowker als piloot. Radiotelegrafist en boordschutter was Sergeant Haydn George Williams, bekend als Don en een talentvol bokser. Hij was getrouwd met Evelyn en had twee kinderen Brian en Kay. Op de grafsteen op de Harderwijkse begraafplaats staat: "Don, beloved husband of Evelyn. Daddy of Brian and Kay. He died that we might live". Van hem zijn onderstaande foto bekend.

WilliamsHaydn George Williams WilliamsRadiotelegrafist williamsen boordschutter In memoriam

 

 

Het toestel is neergeschoten door Oberfeldwebel Heinz Vinke die met zijn Messersmidt 110G om 05.04 uur op 4800 meter hoogte en vijftien kilometer ten noordwesten van Apeldoorn de lancaster neerschoot. Het toestel kwam uiteindelijk terecht aan de schaarweg te Elspeet.

  heinz-vinkeHeinz Vinke   Heinz VinkeOberfeldwebel Heinz Vinke (helemaal rechts)

De lijken van 6 omgekomen militairen zijn door de duitsers naar Harderwijk gebracht. Van slechts twee inzittenden waren de namen bekend. Van de andere vier werd aangegeven: "Unbekannte Engl. Fliegerleiche". Op 24 Februari zijn zij begraven. De ene bekende naam was die van de boordwerktuigbouwkundige (Flight Engineer) Sergeant Frank William Burdett. Hij was 21 jaar en de enige zoon van William en Rose Amy Burdett. Hij kwam uit Woodgate bij Leicester. De andere bekende naam was die van de bommenrichter (Bomb Aimer) Sergeant Edward Gedge. Hij was 29 jaar, getrouwd en zijn vrouw heette Dorothy. Hij kwam uit Erdington, Birmingham.

Pas later werden ook de namen van de overige inzittenden bekend. De piloot, Norman Charles Bowker, 21 jaar uit Marston Green, Warwickshire. Navigator Arthur lan Corlett, afkomstig van het eiland Man. Hij was met 33 jaar de oudste van de bemanning. De rugkoepelschutter was een Canadees, James May, 21 jaar. En radiotelegrafist Haydn George Williams uit Garndiffaith, Monmouthsire.

Frank-William-BurdettF.W. BURDETT BowkerN.C. BOWKER Eric-GoodridgeE.S. GOODRIDGE

Het zevende bemanningslid was staartschutter Eric Sydney Goodridge, 24 jaar uit Broad Chalke, Wiltshire. Hij werd pas een maand later op 21 maart 1944 begraven in Harderwijk. Hij is op 19 maart gevonden. Volgens een verklaring is hij bij Staverden gevonden en had twee gebroken benen opgelopen en geprobeerd zich met het eten van gras in leven te houden. Dit zou zijn geconstateerd aan de kale plek waar hij is gevonden.

Een ander verhaal noemt een dik beboste bosrand in de omgeving van de Oude Garderenseweg in Elspeet. Wijlen Johan Davelaar vertelde: "Mijn vader had het wel eens over een piloot, die achter zijn weiland in het bos werd gevonden. Vader was erbij, toen de piloot gevonden werd. Hij stond met zijn hoofd in de grond. Het eerste wat de Duitsers deden was het horloge afnemen. Aan het oor houden om te horen of het nog wel liep. Daarna verdween hetr in de zakken van de Duitser. Dat gebeurde ook met ringen en dergelijke". De dik beboste plek is niet zo ver van de plek waar het vliegtuig is neergestort.

Begraafplaast Oosteinde te HarderwijkEric Sydney Goodridge werd een maand later pas gevonden en heeft een apart graf helemaal rechts naast zijn kameraden.

De lancaster bommenwerper JB-609 had maar ruim drie maanden dienst gedaan. Het toestel was op 7 november 1943 geleverd en op 20 februari 1944 kwam het einde.

Van de berging van het vliegtuig zijn de papieren ook bewaard gebleven.

berging1  berging2

Van F.W. (Frank) BURDETT SGT FLIGHT-ENGINEER 21 is verder nog het volgende bekend. Franks moeder ontving de dag na de crash onderstaande telegram: 

burdet telegram aan de moeder van Frank, Rose   roseRose Burdett bij het graf (1966)

Rose Burdett de moeder van Frank heef tin 1966 een bezoek gebracht aan het graf van Frank in Harderwijk. Frank Burdett had in de oorlog ook een vriendin genaamd Betty

bettybetty, Franks Girlfriend. Women’s of the Royal Naval Service  frank en roseFrank met zijn moeder in 1930  

514In juni 1944 was er het gevoel dat de oorlog niet zo lang meer zal duren.
De geallieerde troepen waren op 6 juni in Normanië geland. Een week later, in de nacht van 12 op 13 juni 1944, werd het Oosteinde in Nunspeet midden in de nacht opgeschrikt door een neerstortend vliegtuig. Het was een lancaster bommenwerper die met totaal 294 vliegtuiigen de olie-installaties in Gelsen-Kirchen hadden vernield en wel zodanig dat de productie van vliegtuigbrandstof voor de Duitsers voor langere tijd uitviel.
Maar ook zeventien Engelse bommenwerpers gingen verloren.
Een daarvan was de Lancaster MK-II DS818 met op het motorschild de naam Maggie. Het toestel, dat bij het 514 Squadron behoorde, was door de Duitse luchtdoelartillerie beschoten en vloog wat langzamer. Daarmee was het een gemakkelijke prooi voor een Duiste nachtjager. Helemaal zeker is het niet, maar het zou Luitenant Hitler wel eens kunnen zijn geweest die rond half twee 's nachts Maggie neerschoot.
Een explosie zette het toestel in lichterlaaie. Het verloor hoogte, vloog nog even door in de richting van Harderwijk, maar zwenkte en stortte om ongeveer twee uur neer aan de Oosteinderweg. Bij de boerderij van Nagelhout aan de Oosteinderweg 70 brak de staart af en kwam neer in een haverveld in de omgeving waar later de Heemskerklaan werd aangelegd. Staartschutter Sergeant Keith Russell Baker kwam daar ook terecht. Kindreen vonden hem toen ze 's morgens naar school gingen.
De rest van het vliegtuig kwam tercht op een roggeakker bij de tegenwoordige pluimveeslachterij. De wrakstukken lagen overal verspreid.
Drie mannen zaten nog in het brandende vliegtuig. De lichamen waren zodanig verbrand dat het moeilijk uit te zoeken was wie het precies waren.
Eerst na de oorlog kwam daarover helderheid. Boordwerktuigbouwkundige Sergeant Peter Geoffrey Cooper landde met zijn parachute in een beukenboom in het laantje waar nu het hertenpark is. Hij had een gebroken been en werd door de Duisters naar het ziekenhuis gebracht.
Bommenrichter Flight Sergeant Harry James Bourne landde boven Wesinge bij Doornspijk. Totaal overstuur werd hij opgevangen door omwonenden, maar wilde terug naar zijn kamaradenin het vliegtuig. Daar werd hij door de Duitsers gevangen genomen. In het politierapport staat genoteerd:

"Het vermoeden bestaat, dat een der vliegers is ontkomen, door zich door zijn vlucht aan arrestatie te onttrekken."

Dat vermoeden was juist, want piloot van Maggie, Pilot Officer Derek Anthony Duncliffe, was met zijn parachute in het bos terecht gekomen. Toen Wim Mazier 's morgens naar school ging kwam hij een man op kousevoeten tegen. Hij dacht even dat het een Duister was, maar zag toen aan het uniform, dat het een Engelsman moest zijn. Wim bracht hem naar een ondergrondse hut dichtbij de Middenhoeve, haalde thuis boterhammen en koffie en ging weer naar de hut.
Duncliffe kreeg een veilige plaats in het Pas Op-Kamp en op andere plekken in Nunspeet. Bij de bevrijding was hij in Apeldoorn en kon daarna weer terug naar Engeland.
De twee gevangen genomen inzittenden kwamen terechtin een krijgsgevangenkamp in Silezië en konden na de oorlog ook weer terug naar Engeland. De vier omgekomen inzittenden werden op 15 juni op de begraafplaats in Nunspeet begraven.

De Britse Oorlogsgravenstichting heeft na de oorlog uniforme grafstenen geplaatst.

Bron: uitgave "Strepen in de Lucht" van Dick Baas. Uitgave Nunspeet 2008

Geschiedenis Lancaster

Op 20 februari 1944 is er een Lancaster MK3 JB 609 neergehaald aan de Weideweg te Elspeet. Daarvoor was er ook al een neergestort op 1 april 1943 een Lancaster in de Leuvenumse bossen.

De Avro Lancaster was een viermotorig vliegtuig. Het is ontwikkeld door Roy Chadwick. De Avro Lancaster volgde hierin de Avro Manchester op. Dit was een twee motorig vliegtuig welke geen succes bleek te zijn. De eerste Lancaster werd in oktober 1941 operationeel ingezet. De laatste Lancaster werd in 1946 geproduceerd. Na de Short Stirling en de Handley Page Halifax was de Lancaster de derde zware viermotorige bommenwerper die bij de RAF in dienst kwam. Gedurende de tweede wereldoorlog kende de Lancaster twee types en wel de Mk. I (Mark 1) en de Mk. III (Mark 3).Lancaster

De Mk. II versie van de Lancaster was uitgerust met Bristol Hercules stermotoren wegens schaarste van de standaard Merlin motoren, die ook werden toegepast in Spitfire jachtvliegtuigen. Toen de productielijnen van de Merlin motoren de sterk gestegen vraag na verloop van tijd aan konden werden de Mk. II’s weer “omgebouw” naar Mk.I’s of Mk. III’s. Vanaf 1942 werden de aanduidingen Mk. I, Mk. II en Mk. III vervangen door de aanduidingen B.1, B.2 en B.3.

Technische specificaties Lancaster

De specificaties van een Lancaster B.1 en B.3 luiden als volgt:

Afmetingen

  • Lengte: 69 voet, 6 inch (ruim 21 m.);
  • Spanwijdte: 102 voet (ruim 31 m.)
  • Hoogte: 20 voet, 6 inch (ruim 6 m.)

Gewicht

  • Ledig: 37.000 pound (bijna 16.800 kg.);
  • Vol beladen: 65.000 pounds (ca. 29.500 kg)

Motoren

  • Vier stuks Rolls Royce Merlin, type 20, 22 of 24

Prestaties beladen

  • Kruissnelheid: 170 m.p.h. op 15.000 voet (273 km/u op 4.600 m.) max. snelheid: 275 m.p.h. op 15.000 voet (443 km/u op bijna 4.600 m.)
    • 160 m.p.h. op 22.000 voet (257 km/u op 6.700 m.)

Klimvermogen

  • 250 voet per minuut (ruim 76 m. per minuut)

Max. diensthoogte

  • 19.000 voet (5.800 m.)

Actieradius beladen

  • 2.530 mijl met 7.000 pounds (bijna 4.100 km met 3.200 kg.);
  • 1.730 mijl met 12.000 pounds (2.800 km met 5.500 kg.);
  • 1.550 mijl met 22.000 pounds (1.850 km met 10.000 kg.)

Bewapening

  • maximale bommenlast: 18.000 pounds (8.150 kg)
  • totaal 8 Browning machinegeweren kaliber. 303: 2 in de neuskoepel (type Fraser-Nash 5)
    • 2 in de rugkoepel (type Fraser-Nash 50)
    • 4 in de staartkoepel (type Fraser-Nash 20)

Geschiedenis Lancaster

Op 20 februari 1944 is er een Lancaster MK3 JB 609 neergehaald aan de Weideweg te Elspeet. Daarvoor was er ook al een neergestort op 1 april 1943 een Lancaster in de Leuvenumse bossen.

De Avro Lancaster was een viermotorig vliegtuig. Het is ontwikkeld door Roy Chadwick. De Avro Lancaster volgde hierin de Avro Manchester op. Dit was een twee motorig vliegtuig welke geen succes bleek te zijn. De eerste Lancaster werd in oktober 1941 operationeel ingezet. De laatste Lancaster werd in 1946 geproduceerd. Na de Short Stirling en de Handley Page Halifax was de Lancaster de derde zware viermotorige bommenwerper die bij de RAF in dienst kwam. Gedurende de tweede wereldoorlog kende de Lancaster twee types en wel de Mk. I (Mark 1) en de Mk. III (Mark 3).

De Mk. II versie van de Lancaster was uitgerust met Bristol Hercules stermotoren wegens schaarste van de standaard Merlin motoren, die ook werden toegepast in Spitfire jachtvliegtuigen. Toen de productielijnen van de Merlin motoren de sterk gestegen vraag na verloop van tijd aan konden werden de Mk. II’s weer “omgebouw” naar Mk.I’s of Mk. III’s. Vanaf 1942 werden de aanduidingen Mk. I, Mk. II en Mk. III vervangen door de aanduidingen B.1, B.2 en B.3.

Technische specificaties Lancaster

De specificaties van een Lancaster B.1 en B.3 luiden als volgt:

Afmetingen

  • Lengte: 69 voet, 6 inch (ruim 21 m.);
  • Spanwijdte: 102 voet (ruim 31 m.)
  • Hoogte: 20 voet, 6 inch (ruim 6 m.)

Gewicht

  • Ledig: 37.000 pound (bijna 16.800 kg.);
  • Vol beladen: 65.000 pounds (ca. 29.500 kg)

Motoren

  • Vier stuks Rolls Royce Merlin, type 20, 22 of 24

Prestaties beladen

  • Kruissnelheid: 170 m.p.h. op 15.000 voet (273 km/u op 4.600 m.) max. snelheid: 275 m.p.h. op 15.000 voet (443 km/u op bijna 4.600 m.)
    • 160 m.p.h. op 22.000 voet (257 km/u op 6.700 m.)

Klimvermogen

  • 250 voet per minuut (ruim 76 m. per minuut)

Max. diensthoogte

  • 19.000 voet (5.800 m.)

Actieradius beladen

  • 2.530 mijl met 7.000 pounds (bijna 4.100 km met 3.200 kg.);
  • 1.730 mijl met 12.000 pounds (2.800 km met 5.500 kg.);
  • 1.550 mijl met 22.000 pounds (1.850 km met 10.000 kg.)

Bewapening

  • maximale bommenlast: 18.000 pounds (8.150 kg)
  • totaal 8 Browning machinegeweren kaliber. 303: 2 in de neuskoepel (type Fraser-Nash 5)
    • 2 in de rugkoepel (type Fraser-Nash 50)
    • 4 in de staartkoepel (type Fraser-Nash 20)

John Burton ShillitoeJohn Burton ShillitoeOp maandag 6 november 1944 stortte in de middag een vliegtuig brandend neer in de buurt van het Zilverbeekje te Hulshorst. De volgende morgen werd de piloot in nabijheid van het toestel gevonden. Het was John Burton Shillitoe, een Engelse piloot. Hij was 23 jaar oud en 's middags met zijn Spitfire IX PT-649 opgestegen van de Belgische basis Grimbergen. Zijn doel was een "gewapende verkenning" langs de spoorlijn Zwolle - Amersfoort. Dat betekende treinen uitschakelen en vrachtauto's op de weg vernielen. Shillitoe was niet alleen. Er vlogen 127 verkenningstoestellen. Het waren Spitfires, Mustangs, Mosquito's en Typhoons. Het Duitse afweergeschut was ook in actie. Het toestel van Shillitoe werd geraakt, verloor een vleugel en dook naar de grond. Voor de piloot was er geen mogelijkheid meer om nog uit het brandende toestel te springen. Er wordt ook wel gezegd dat het toestel van Shillitoe onbedoeld is geraakt door het vuur van een collega-piloot. Maar bewijzen daarvoor zijn er niet. De volgende dag werd hij dood gevonden. Hij werd begraven op de begraafplaats aan de Eperweg en daar is zijn graf nog steeds te vinden.

monumentALSO IN MEMORY OF THOSE WHO GAVE THEIR LIVES IN THE SECOND WORLD WAR ALFRED CORPS + HARRY KETTLEWELL CHARLES E LUNCEY + JOHN B SHILLITOE JOSEPH H WALKER MAY THEY REST IN PEACE 1939 - 1945Flyght lieutenant (kapitein) Shillitoe is een ervaren piloot. Op 19 juni 1941 was hij Pilot-Officer (tweede luitenant) geworden, in 1942 Flying-Officer (eerste luitenant) en weer een jaar later kapitein. Van piloten wordt vaak bijgehouden hoeveel vijandelijke vliegtuigen ze uit de lucht hebben gehaald.
Shillitoe heeft er ook twee op zijn naam staan: een in juni 1941 en een in augustus 1942. Die tweede is bij de Franse plaats Dieppe. Op die dag waren ruim zeshonderd soldaten vanuit Engeland de zee overgestoken naar Frankrijk om de havenplaats Dieppe te veroveren.
Het wordt een grote mislukking. Meer dan 4300 soldaten sneuvelen, worden verwond of raken in gevangenschap. Shillitoe blijft ongedeerd maar moet wel een noodlanding maken. Zijn Spitfire raakt beschadigd.

John Shillitoe kwam uit Kirk Hammerton, een klein dorp ongeveer zestien kilometer ten westen van de Engelse stad York. Op de begraafplaats rond de kerk van de Heilige Johannus de Doper staat een oorlogsgedenkteken.
Daar staan vijf namen op van inwoners die gesneuveld zijn in de Eerste Wereldoorlog (1914 - 1918), maar ook vijf namen van gesneuvelden in de Tweede Wereldoorlog.
De laatste naam is van een militair die in 1956 in Egypte bij de Suez-crisis is gesneuveld. Een van de vijf namen is de naam van John Burton Shillitoe.

 

 

 

 

 

 

Hrace B SmithHorace B. SmithHet was Zondag 25 februari 1945. Rond het middaguur richtte het afweergeschut in Nunspeet op een laagvliegend jachtvliegtuig. Het toestel werd geraakt en stortte neer op een perceel bouwland tussen de Rijnvis en de Vreeweg. Het land was eigendom van Gerrit Vos die aan de Rijnvus 30 woonde.
De familie Vos was dan ook als eerste bij het toestel. De brokstukken lagen overal verspreid.
Het brandende toestel was met de kop in de grond geslagen. De vlieger had nog geprobeerd uit het brandende toestel te springen, maar dat lukte niet, omdat hij omlaag vloog. Hij lag naast het toestel, verward in de touwen van zijn opengevouwen parachute. De hond van Kroneman likte het bloed, en het dier kreeg een schop.

De luchtbescherming noteerde 12.12 uur als tijdstip van het neerstorten. Om 12.20 uur werd de Ortskommandantur in Harderwijk telefonisch gewaarschuwd en om 12.22 uur de burgemeester. De politie was snel aanwezig.
Opperwachtmeester Zorn, de postcommandant in Hulshorst, schreef in zijn rapport, dat de vlieger zwaar verminkt is. Het lichaam werd overgebracht naar het baarhuisje op de begraafplaats.

grafGraf van Horace B. Smith in Neuville-en-CondrozHet vliegtuig wer door twee Duitse soldaten bewaakt. Vanuit de boerderij van Vos hadden de soldaten geen zicht op het vliegtuig, wel vanuit het huis van Aart Kroneman. Dus zaten twee Duitse soldatendaar bij de kachel de wacht te houden.
's Avonds was er een probleem. De vrouw van Kroneman ging bevallen van haar achtste kind. De vroedvrouw mevrouw Rienderhoff had weinig medelijden met de twee soldaten en stuurde ze naar buiten.
Om vier uur 's morgens werd Aart Kroneman junior geboren.
In de loop van die maandagochtend ging vader Aart Kroneman aangifte doen van de geboorte op het gemeentehuis. Hij vergat zijn trouwboekje mee te nemen. Toen hij dit thuis ontdekt werd, boden de twee Duitse soldaten aaan om het op de motorfiets Aart achterna te brengen.
Op de Laan in Nunspeet hielden ze hem aan. Nunspeteres die dat zagen trokken de conclusie: Aart Kronemanwordt door de Duitsers opgepakt.
Maar dit keer waren de Duisters alleen maar behulpzaam.

Politiechef Zorn schreef in zijn rapport dat het een Engelse vlieger was. Maar dat bleek niet juist. Het was een Amerikaan: eerste luitenant Horace B. Smith, afkomstig uit Altoona in de staat Pennsylvania.
Hij werd begraven op de Nunspeetse begraafplaats bij de andere militairen die al eerder in de omgeving van Nunspeet waren omgekomen. Na de oorlog werd het lichaam overgebracht naar de Amerikaanse begraafplaats in Neuville-en-Condroz in de Ardennen in België. Het vliegtuig van Smith was een P-51 Mustang met als basis Kingscliffe Northants en Engeland.

De resten van het vliegtuig bleven nog heel lang op de akker van Vos liggen. Maar in april moest het land bewerkt worden en werd het vliegtuig naar het erf gesleept. De mitrailleur stond nog lang op het konijnenhok en het staartwiel werd gebruikt als wiel voor de kruiwagen.

GroepsfotoEen groepsfoto, met knielend rechts Horace B. Smith

Bron: "Strepen in de Lucht" van Dick Baas. Uitgave Nunspeet 2008

Clyde Lee ColdrenClyde Lee ColdrenHet was woensdag 8 maart 1944. Het was biddag. Aan de Harderwijkerweg 85 te Nunspeet kwam een vliegtuig brandend naar beneden.
De piloot die nog uit het brandende vliegtuig probeerde te springen viel te pletter op het pad naar de boerderij. Aan de Harderwijkerweg 85 was een winkeltje waar garen, band, bier, limonade, chocolade, veters en nog veel meer werd verkocht. Het vliegtuig stortte vlak achter het huis neer. Door de vuurzee vatte het rieten dak van de winkel vlam. Het huis brandde tot de grond toe af.

Er stonden veel mensen te kijken naar de brandende winkel en het neergestorte vliegtuig. Het was een Amerikaanse jager van het type Thunderbolt.
Zo'n vliegtuig had maar één inzittende. De politie zette de omgeving af. Een groep Duitse soldaten kwam en joeg de mensen van de weg. Twee van die Duitse soldaten plunderden de vlieger.Josef Frontzek nam een portefeuille met Nederlands, Frans en Belgisch geld, een polshorloge, een zakhorloge, een bundeltje kaarten en een doos met verbandgaas, kompas, chocolade en ongeveer twintig foto's mee. Toen Oberfeldwebel Gerhard kwam, moest Frontzek een deel van zijn buit afstaan. Zeker is dat Frontzek het polshorloge hield. De foto's werden verscheurd. Vrachtrijder Anthonie Ton vond één van de verscheurde foto's.
Hij plakte de stukjes weer aan elkaar en liet de foto opnieuw afdrukken. Uiteindelijk kwam de foto van tweede luitenant Clyde Lee Coldren bij de burgemeester terecht.

coldren met vrouwClyde Lee Coldren met vrouwPiloot Coldren was 24 jaar en had een dochterje van anderhalve maand oud. Het squadron waartoe hij behoorde had die dag bommenwerpers begeleid naar Berlijn. Tweede luitenant Harold L. McClellan deed in een rapport over het neergestorte vliegtuig verslag van wat er gebeurd was. Coldren had problemen met zijn propeller. McClellan ging naast hem vliegen om contact te krijgen. Via de radio reageerde Coldren niet. Het vliegtuig verloor hoogte. McClellan vertelde:
"Op een hoogte van 10.000 voet stopte de propeller met draaien. Toen riep ik mijn commandant op en vertelde hem dat wij ons op 10.000 voet ten oosten van de Zuiderzee bevonden en lichtte de situatie toe. Coldren zei niets over de radio. We bleven hoogte verliezen, maar luitenant Coldren sprong niet. Ik bleef op 4000 voet cirkelen en zag dat de glijvlucht van luitenant Coldren op 3000 voet abrupt stopte. Het vliegtuig begon te tollenen raakte even ten westen van Zwolle de grond. Er was een grote explosie. Op dat moment werd de luchtafweer actief. Ik nam de veilige route terug".

Na de oorlog werd het winkeltje herbouwd.

Clyde Lee Coldren was op 2 oktober 1919 in Granberry (Pennsylvania) geboren, studeerde aan de High School in Brandford. Hij kwam op 19 maart 1941 bij de luchtmacht, "aviation cadet" op 24 februari 1942 en op 16 augustus 1943 werd hij tweede luitenant. Coldren trouwde op 6 februari 1943 met Joan Bessie Price. Dochter Candace Lee Coldren werd op 22 januari 1944 geboren. Coldren werd op 11 maart 1944 begraven op de algemene begraafplaats in Harderwijk en na de oorlog overgebracht naar het U.S. Military Cemetry Ardennes in Neuville-en-Condroz in België.Gedenksteen
Op 29 mei 1949 volgde herbegrafenis in Venus (Pennsylvania). De familie was daarbij aanwezig.

Coldren vloog met de P-47D 42-75084, rompcode IA-. Hij behoorde tot de 358th Figther group, 366 squadron. De basis was Raydon in Suffolk (Engeland). De Republic P-47 Thunderbolt was een eenmotorig jachtvliegtuig, dat door de USAAF in de Tweede Wereldoorlog intensief werd ingezet. Van het type P-47D, waar Coldren mee vloog, zijn 12.602 toestellen gebouwd.

207 Squadron RAFIn de avond van 23 september vlogen weer twee grote formaties (638 Lancasters en Halifaxes) bommenwerpers over Apeldoorn richting Duitse grens. De piloot Raymond Thomas Kerwin met zijn Lancaster MK I –PD318 en zijn bemanningsleden vertrok vanaf de basis van Spilsby om 19.02. Het doel was een missie naar het vliegveld Handorf bij Munster.Helaas werd hun bommenwerper het slachtoffer van een Duitse nachtjager. De Lancaster stortte tijdens de terugtocht rond 23.30 uur neer in de bossen van de Koninklijke Houtvesterijen op de Hoge Duvel (achter de boswachterswoning).

Jachtopzichter Pols woonde in deze tijd op de Hoge Duvel. Uit overlevering weten we dat hij na de crash gelijk is wezen kijken naar overlevenden, maar helaas was de bemanning al omgekomen. Vervolgens moest Pols deze crash zoals gebruikelijk melden in Elspeet. Waarna de duitsers mee zijn gegaan naar de crashplaats. Aangezien het middernacht was waagden de duitsers het niet om bij het vliegtuig te gaan kijken. Dit uit angst dat er nog overlevenden in waren welke hen onder vuur konden nemen. Om die reden lieten zij jachtopzichter Pols voorop lopen naar het vliegtuig.

De bemanningsleden van het toestel waren op één na allemaal Engelse reservisten. De piloot (F/O Raymond Thomas Kerwin) was de 22 jarige Australiër uit Stafford, Queensland. De anderen bemanningsleden waren:

Flight Engineer Sgt Frederick Robert Baker, leeftijd 19 jaar

Navigator Sgt. Vernon Albert Hanmer, 20 jaar uit Londen

Bombaimer Sgt. Albert Dennis Ghisletta, 22 jaar uit Londen

Wireless operator Sgt. Ronald Newboult, leeftijd 19

Airgunner Sgt. Francis Patrick Boyle, leeftijd 21 jaar

Airgunner Sgt. Kenneth William Clarke, 21 jaar uit Kidlington

Kenneth ClarkeKenneth William ClarkeRaymond KerwinRaymond Thomas Kerwin Vernon HammerVernon Albert Hanmer Monument op HeidenhofMonument op Heidenhof

In de nacht van 23 op 24 september valt Bomber Command met een grote aanvalsmacht van 638 Lancasters en Halifaxen diverse doelen in het gebied van Munster aan. Mosquito’s doen aanvallen op Neuss in het Ruhrgebied. Het operations Record Book van het 207e squadron op vliegveld Spilsby vermeld voor die nacht als doel voor haar Lancasters: het vliegveld Handorf bij Munster.

Het motto van het 207e squadron was: “Always prepared” (“Altijd bereid”). Bij dit squadron vloog ook de Lancaster MK I PD-318. De 1e missie voor dit toestel. De omgekomen bemanningsleden liggen allemaal begraven op de begraafplaats “De Heidehof” in Ugchelen (Apeldoorn).

Slachtoffers crash op de Hoge DuvelSlachtoffers crash Lancaster MK I –PD318 op de Hoge Duvel. Begraven op Heidenhof te Apeldoorn

Bronnen: 55 namen op Heidehof, Familie Prins-Pols

Op 29 april 1944 stortte er een Liberator om 14.25 uur op de Elspeterweg 48 te Uddel.

Bill F Moore1e Lt Bill F. MooreDe Liberator was onder commando van 1e Lt Bill F. Moore, en had al bij de Nederlands-Duitse grens een aantal Flak-treffers gehad. Aan boord waren o.a. 2e piloot Lt. D.E. Atley, Group bombardier Lt. Low, navigator 2e Lt Franklin Coslett en bombardier Lt. James Anslow. Ter hoogte van Apeldoorn gaf Bill Moore bevel het toestel te verlaten, de kans om Engeland te bereiken was verkeken. De gehele bemanning kon de B24 veilig verlaten en als laatste sprong Bill Moore eruit.

Bill Moore is boven Nierssen uit het vliegtuig gesprongen. Zijn Parachute met harnas hing op enkele honderden meters vanaf de brandtoren. In het harnas stond de naam "Moore". Dhr. H.R. Niemeyer was op 29 april 1944 de dienstdoende brandtorenwachter bij de bosbrandweer. Hij zag de parachute hangen in de boom op een meter of zes vanaf de grond. Niemeyer en zijn colega hebben snel de parachute verstopt, en juist toen ze weer bij de toren terug kwamen was daar ook de jachtopzichter. De jachtopzichter was nogal opgewonden, en vroeg of wij iets hadden gezien. Na enig praten kwam het hoge woord eruit dat de vlieger bij hem thuis zat, maar dat hij nogal veel uitrusting in het bos heeft achtergelaten. Vlug hebben zij toen met z'n drieëen gezocht naar de achtergebleven spullen zoals de vliegerslaarzen, zwemvest, vlieghelm en microfoon. Ook dit alles werd gauw verstopt. Later heeft Niemeyer de parachuteharnas weer opgehaald en heeft zijn vrouw deze uitgerafeld en later sokken van gebreid.

Fennetje MulderFennetje MulderDe Liberator vloog onbemand nog bijna 10 kilometer verder en stortte uiteindelijk op het huis van de familie Mulder aan de Elspeterweg 48 te Uddel. Bij deze crash is de 19 jarige Fennetje Mulder om het leven gekomen. Bill Moore was veilig bij de jachtopzichter, maar kon daar niet lang blijven. Hij werd vrij snel per fiets naar de familie Kliest aan de Valkenlaan 23 gebracht. Op 1 Oktober is hij bij een duitse inval gearresteerd en is later op 2 december 1944 gegexecuteerd op de Willem III karzerne.

Van bombardier Lt. James Anslow is bekend dat hij bij het kanaal een boederij heeft gevonden en dara in een schuur in slaap is gevallen. Mevr. Buitenhuis keek 's ochtend uiteraard vreemd op toen zij de Amerikaanse vlieger ontdekte. Anslow was erg ongeduldig en wilde niet anders dan ontvluchten. Dit is het met de nodige hulp ook gelukt. Na de oorlog heeft hij dit de familie Buitenhuis per brief verteld. Verder is er niet meer vernomen van Anslow, wat de familie Buitenhuis uiteraard nog graag wilde.

Bronnen: Collectie A. Visser, 55 namen op Heidehof

Monument sportlaan ApeldoornMonument Willem III karzerne, sportlaan te Apeldoorn

222 Squadron

Op woensdagmiddag 28 februari 1945 om kwart over twee 's middags stortte een Engelse jager neer op een akker aan de Kienschulpenweg te Nunspeet.
In een dagboek, dat de Nunspeter Kees van der Hoef in die tijd bijhield, schreef hij op:


"Afweer in actie. Een vliegtuig kwam op de 2e Zoom terecht. 1 dode."


De commandant van de Nunspeetse politie, hoofdwachtmeester Karst Doeven, noteerde in het procesverbaal:

" Het vliegtuig brandde geheel uit. De piloot was tengevolge van de val gedood en lag naast het vliegtuig. Naar mijn mening is het vliegtuig aangeschoten door het afweergeschut in Nunspeet. Behalve de dood van de piloot deden zich geen persoonlijke ongevallen voor. Schade aan in de nabijheid staande huizen is niet ontstaan."


Graf Archibald Angus MclntyreGraf Archibald Angus MclntyreDe piloot was Flight Lieutenant Archibald Angus Mclntyre. Op een rood rubber plaatje stond C.E. 123214 R.A.F. (V.R.). Hij had negen pasfoto's en een foto van een meisje bij zich. De foto's waren gedeeltelijk verbrand en werden op 9 maart 1945 opgestuurd naar het Rode Kruis. Mclntyre was 21 jaar oud en een zoon van Archibald Norman en Stella Mary Mclntyre uit Littlehampton in Sussex. Hij werd op zaterdag 3 maart 1945 begraven als laatste in de rij van Engelse graven die nu nog te zien zijn.

Het toestel waarmee F/Lt Mclntyre aan de Kienschulpenweg neerstortte was een Hawker Tempest Mk V met code NV680 ZD-. Het hoorde bij het 222 Squadron, dat Gilze-Rijen als basis had en deel uitmaakte van de 2nd Tactical Air Force. De Tempest was de snelste jager van de Engelse luchtverdediging. Het toestel was sinds april 1944 bij de Royal Air Force in gebruik.

Het was 28 februari 1945 druk in de lucht. 873 RAF-jagers en jachtbommenwerpers voerden gewapende verkennningen uit. Heel wat spoorlijnen, locomotieven en vrachtauto's werden vernield. Elf vliegtuigen keerden niet terug. Er gingen drie Tempests verloren: het toestel van Mclntyre en twee andere toestellen die in Duitsland terecht kwamen.
Van het 332 Squadron kwam dezelfde dag een Spitfire neer bij Putten. De Noorse piloot verloor het leven.

De resten van het vliegtuig van Mclntyre bleven op de akker van Albert Pater aan de Kienschulpenweg liggen. Het trok veel bekijks. Maar de boer was er niet zo blij mee. Hij wilde graag aardappels poten. Het vliegtuig moest weg. Desnoods wilde hij daarbij wel met paard en wagen helpen. De burgemeester schreef in het Duits een brief aan de Ortskommandantur in Harderwijk.
"Es ware mir angenehm, wenn Sie der Bitte des Albert Pater folge leisten können. Der Ernährungswirtschaft meiner Gemeinde ware dadurch ebenfalls geholfen."

29 april 1944……….42-3513………Hoe het begon en afliep.

Hoe zou het afgelopen zijn met de vliegeniers van dat vliegtuig?”

Dit was wat dhr. P. Vermeer uit Harderwijk zich al vaak afgevraagd had. Het had voor hem een goede reden, want hij was als toenmalige 16 jarige jongen deze dag in de bossen bezig met hout halen. Het was de hele dag al zeer onrustig in de lucht, een komen en gaan van jagers en meerdere malen moest er geschuild worden voor een nieuwe kogelregen. In de verte viel er een vliegtuig neer en plotseling stond er een “piloot” voor zijn neus die hem in het Engels iets vroeg. Hiervan verstond hij alleen “IJsselmeer”. Na de goede kant op gewezen te hebben verdween de piloot de andere kant op want kennelijk dacht hij: ik moet niet het noorden, maar naar het zuiden. Daarna heeft dhr Vermeer niets meer gezien en gehoord van hem en andere bemanningsleden.

Met dat gegeven is ondergetekende in april 2012 aan de slag gegaan om te achterhalen wat er die dag precies gebeurd is. Na onderzoek via ooggetuigen, internet Nederland, Amerika, Frankrijk en Zwitserland en de welwillende medewerking van andere onderzoekers is nu het volgende bekend geworden.

Op 29 april 1944 steeg de Amerikaanse bommenwerper B-17G, ook wel genoemd een “Vliegend Fort”, op vanaf het vliegveld Podington (AAF Station 109) in Engeland voor een dagvlucht naar Duitsland. Het weer was rustig en bewolkt.

Het serial nummer van het vliegtuig van de 92nd. Bomb Group (H), 326th. Bomb Squadron en Squadron code JW-T was 42-3513.

De bemanning bestond uit 10 Amerikanen met als Pilot 2nd. Lt. Russell M. Munson.

Hieronder een afbeelding van het MACR 4260 (Missing Aircraft Rapport).

a 

b

Our BabyFoto: de bemanning tijdens hun opleiding in Amerika. Het vliegtuig waar voor ze poseren is niet de kist waarmee ze neergestort zijn, dit was nl. hun trainingsvliegtuig.

Het doel deze dag was een bombardementsvlucht naar Berlijn.Daarna probeerde men zo snel mogelijk weer terug te komen in Engeland, maar boven Duitsland of Nederland ging het fout! Het vliegtuig werd zeer waarschijnlijk aangeschoten. Om 14.40 uur stortte het neer op de Veluwe, maar waar en wie zaten erin en hoe hebben ze het eraf gebracht? Er werd gezegd dat het vliegtuig neergekomen zou zijn bij Millingen in de Rijn. Na onderzoek van vertaalde Duitse rapporten blijkt echter dat het in de buurt van Nieuw-Milligen moet zijn.

Hieronder de originele Duitse rapporten waaruit blijkt dat het ergens bij Nieuw-Milligen moet zijn. Hieruit valt ook op te maken dat de bemanning op verschillende plaatsen gevangen genomen is en dat er een paar gewond waren. Uit het feit dat er een KU-nummer op staat blijkt het dat het Duitse rapporten zijn. Zoals je ziet werden deze rapporten ook behoorlijk “grundlich” opgezet.

c

d

e

f

g

h

Na bestudering van deze rapporten blijkt dat alle bemanningsleden uiteindelijk terecht gekomen zijn in gevangenkampen in Duitsland. Uit de NARA-rapporten blijkt weer dat alle bemanningsleden uiteindelijk gezond en wel na de oorlog in Amerika teruggekeerd zijn. Zie NARA-rapport (Amerikaanse Archieven) van de piloot Russell M. Munson. Zo zijn van alle tien bemanningsleden de rapporten bekend.

Maar nu de hamvraag: waar kwam het vliegtuig neer?
Dit was moeilijk te achterhalen totdat in we in deceember 2012 een oproep plaatsten in een aantal regionale bladen op de Noord-Veluwe.
De eerste reactie was raak! Ene mevr. van Hierden vertelde mij dat haar schoonvader wel eens verteld had dat er bij hun achter op het bouwland op 29 april 1944 een groot vliegtuig neergestort was. Zij zou even naar haar schoonvader lopen en vragen of hij wilde bellen en na plm. 10 min. kwam het verlossende telefoontje…..het is waar.
Snel een afspraak gemaakt voor s’middags 24 december en dhr. G. van Hierden bezocht.
Hij vertelde mij dat hij als 9 jarige jongen een enorme knal hoorde en toen bleek dat er een groot vliegtuig in het bouwland achter de boerderij neergestort was. Hij had een zeer diepe krater geslagen en brandde als een fakkel. Van zijn vader moest hij uit de buurt blijven in verband met ontploffende munitie.
Al snel kwamen de Duitsers ter plekke en werd het terrein bewaakt want in de ruime omgeving lagen de brokstukken. In de schuur werden verschillende (persoonlijke) zaken opgeslagen en bewaakt. Overdag werd er geruimd en alles op karren, die onder de bomen stonden, gelegd. Men was natuurlijk als de dood voor de geallieerde jagers. s’Nachts werd de buit vervoerd naar het zgn. “Zerlege Betrieb” in Utrecht, alwaar de vliegtuigwrakken heen gingen voor het opnieuw gebruik van materiaal en vooral het aluminium.
Na het ruimen bleef er een groot gat over wat weer gevuld werd met aarde en toen bleek dat er de eerstvolgende 20 jaar niets groeide op deze plek, het was dus echt verschroeide aarde! Ook gelijk een bezoekje gebracht aan de exacte plek. Hiervan is niets meer terug te vinden, s’zomers grazen er nu koeien. Zie onderstaande foto van dhr. G. van Hierden op de crashplek.

van Hierdenfoto: Dhr. G. van Hierden op de crashplek

In de loop der tijd is er tijdens het ploegen nog een stuk aluminium van het vliegtuig tevoorschijn gekomen als tastbare bewijs, waarvoor nogmaals dank aan de fam. van Hierden

restenResten

Dus kunnen we stellen dat de vraag van dhr. P. Vermeer na plm. 9 maanden intensief onderzoek opgelost is, dus CRASHPLEK bekend!

Bron: Wout Jansen

PS. Als U nog enige aanvullende gegevens hebt over dit opgeloste mysterie of andere vliegtuigcrashes in en om Elspeet of elders dan houd ik me aanbevolen. Ook (vooral) foto’s en of verslagen uit de tijd van 1940-45 zijn van hartelijk welkom, zij worden dan weer gebruikt voor nader onderzoek.

Bij voorbaat dank. Mijn mailadres is: wjansen3@xmsnet.nl

Wie is online?

We hebben 23 gasten en geen leden online